8 december 2017

Madonna dell'Umilità

(Madonna dell'Umilità -
basiliek van Pistoia)
Acht december viert de kerk het feest van Maria Onbevlekt Ontvangen. Wat moeten wij daarmee in onze nuchtere 21ste eeuw? Niet de rede kan ons hier iets meer vertellen, maar misschien wel een vleugje poëzie.

De Nederlandse dichter Hans Tentije publiceerde dit jaar in de Poëziekrant (nr.3, blz.34) een gedicht dat hij schreef bij het zien van een Maria-fresco in de basiliek van Pistoia (Toscane, Italië).



OOIT

Eeuwen van verering hebben haar niet bedorven
noch is haar gezichtsuitdrukking veranderd, vol toewijding     
buigt ze zich nog steeds over haar kind, toch
lijkt ze allerminst gerust te zijn, ondertussen blijft ze
stilletjes op haar hoede -

zij is de Madonna dell'Umilità, de Onze-Lieve-Vrouwe
van de Nederigheid, die je behalve hier
in deze basiliek in het hart van Pistoia overal elders
kan tegenkomen

je herkent haar aan een van vrees dooraderde blik
waaruit het besef van iets onafwendbaars
spreekt, dat er hoe dan ook ooit een opoffering
zal worden gevraagd

soms verschijnt ze te midden een stroom vluchtelingen
of is ze de bedelende zigeunerin, haar warm
ingestopte baby op de arm, de Warschause jodin
met een jochie naast een veewagon
op het perron van het vernietigingskamp -

wat olmen misschien, je zou willen dat hun jaarringen
langzaam slonken om terug
te groeien naar een pril, priller begin

(Madonna-dell'Umilità; 14de eeuw, anoniem)

De eerste strofen zijn vrij toegankelijk en kan je als lezer gemakkelijk volgen.
De dichter ziet een Maria-afbeelding die al eeuwen vereerd wordt. Hij zegt wat hij ziet en benoemt haar als de Maria van de Nederigheid. Deze Maria beseft dat er opofferingen zullen gevraagd worden en kijkt daarom zorgelijk. Vanuit die opoffering maakt de dichter dan een brug naar de 20ste eeuw en naar onze tijd. Maria kan je herkennen in vluchtelingen en vervolgden, in slachtoffers van geweld en van de shoah.

Maar de laatste drie regels zijn weerbarstig. Ik wist er ook niet goed weg mee.
Tot ik onlangs vernam dat de dichter in het Gentse poëziecentrum zou voorlezen. Ik wou er wel bij zijn om hem hierover aan te spreken  doch dat lukte niet en dus mailde ik mijn vraag door. De dichter was zo bereidwillig over deze regels enige toelichting te geven via mail.
(Madonna dell'Umilità door
Gherardo Starnina
Museum Uffizi in Firenze)
Hij zegt hierover: "Bomen in het algemeen staan voor leven en dood, goed en kwaad. De olm of iep werd vroeger beschouwd als een heilige boom met een vrouwelijk karakter, gewijd aan Moeder Aarde. Niet alleen vanwege deze implicaties heb ik in dit gedicht voor de olmen gekozen, maar ook voor de opvallende groeiringen. Die moeten slinken, teruggroeien naar een priller begin, zodat de loop van de geschiedenis, van de levens een andere, betere, onschuldiger wending zou kunnen nemen."

Zo kom ik bij de titel van het gedicht terecht: ooit...verzucht de dichter,  hoop ik op een andere geschiedenis.  En deze verheldering doet het gedicht wonderwel passen voor dit Mariafeest. Laat in de Onbevlekte Ontvangenis juist de droom doorklinken van een onschuldig begin, een andere wending in de geschiedenis waar niet die luidst roepen en hardst duwen met hun ellebogen de doorslag geven, maar de nederigen, de zachtmoedigen.
Wat de dichter als verlangen in de toekomst ziet (de titel: OOIT en de drie laatste verzen), daarover zegt het geloof: die droom is reeds gerealiseerd in Maria, nu moeten wij als christenen er alleen nog werk van maken om hem verder gestalte te geven.







2 december 2017

De kathedraal van Évry -5-

Na het bezoek aan de kathedraal van de Verrijzenis in Évry stond ik met gemengde gevoelens terug buiten.
Het is een indrukwekkend en toch eigentijds gebouw, een signaal in een nieuw stad: ook hier is religie aanwezig, is er een plaats voor God en Godgelovigen. De ronde architectuur toont de weg naar een gemeenschap rond altaar en kansel, een communio die ook verwijst naar dat Jezus-woord uit het Mattëusevangelie (hoofdstuk 18, vers 20): Waar twee of drie in mijn Naam aanwezig zijn, daar ben Ik in hun midden. De bomen bovenop het dak suggereren dat geloof vruchtbaar is en leven-gevend.
Maar toch knaagt er bij mij ook iets. Moet de katholieke kerk zo ostentatief aanwezig zijn via een groots gebouw? Kan en moet het niet wat bescheidener? Ik las dat tijdens de bouwperiode ook heel vaak deze kritiek werd geuit.

(eigen foto 16 september 2017)
De kathedraal staat er nu en ze staat er als een baken, een teken midden een stad die geregeerd wordt door efficiëntie en rechtlijnigheid. Ze staat er ook als plaats van stilte.
Dat is misschien haar meest wezenlijke functie. In het boek "Creatieve fotografie" van Paul Lowe worden 100 topfotografen voorgesteld, waaronder de Brit Peter Fraser (°1953)(blz. 106-107). Daar lees ik een zeer toepasselijke uitspraak van deze fotograaf: "Ik vind kerken altijd interessant als plaatsen van verstilling waar je je eigen stem kunt horen, ver van de afleiding die de ruis van het moderne leven veroorzaakt."

(eigen foto 16 sept. 2017)

Meer expliciet christelijk-religieus wordt ook nagedacht over de kerkruimte en haar betekenis voor onze samenleving in  het meest recente nummer van het monastiek tijdschrift "De Kovel" (nr.50)  door onder anderen Thomas Quartier.  Hij interpreteert daar het hoofdstuk uit de Regel van Benedictus over de gebedsruimte of het oratorium. "De monnikenvader heeft het niet echt over een kerk of kapel, maar over een plek waar een heel basale menselijke activiteit ruimte moet krijgen: het bidden. We kunnen dat 'bidden' in de breedste zin van het woord opvatten: in een resoneerruimte van Gods aanwezigheid gaan staan."(blz.12). En wat verder stelt hij: "Geloof heeft plekken nodig, anders krijgt het in ons leven nooit echt ruimte."(blz.16).
Als er bij ons in Vlaanderen (en Nederland) alsmaar meer kerken worden gesloten en/of afgebroken, waar is er dan nog een plaats voor stilte? Waar is er nog een resoneerruimte voor Gods aanwezigheid? Waar is nog plaats om geloof ruimte te geven?
Meer vragen dan antwoorden, maar zo is werkt elk goed kunstwerk in op een mens, ook deze kathedraal van Évry. Blij haar bezocht te hebben.

29 november 2017

De kathedraal van Évry -4-

Onder de nieuwste kathedraal van Frankrijk in Évry bevindt zich het museum Paul Delouvrier.
In dat goed gevulde museum dat vier verdiepingen beslaat zijn er naast schilderijen ook kunstvoorwerpen en sculpturen te bewonderen.
De grote verscheidenheid zorgt ervoor dat je in elke nieuwe zaal wel altijd iets moois of belangwekkends ziet.

(Kersttafereel uit Azië)

(sculptuur van Cecile Cornier)

24 november 2017

De kathedraal van Évry -3

In het museum Paul Delouvrier onder de kathedraal van Évry vinden we vele mooie werken die ons confronteren met onszelf en de ideeën waarin we soms zijn vastgeroest.

Meerdere werken van kunstenaars uit de Seychellen-archipel tonen veel licht en kleur en ook soms humor. Dat is best mooi omdat hedendaagse kunst toch zo vaak weinig biedt om te lachen en om lachend onszelf te relativeren.
De kunstenaar Raymond (Du Buisson) vind ik het meest uitgesproken hierbij. Zie zelf maar.


(eigen foto's 16 september : bovenaan het sacrament van het huwelijk en
onderaan het sacrament van het doopsel)

18 november 2017

De kathedraal van Évry -2

Bij mijn bezoek aan de 'jongste' kathedraal van Frankrijk in Évry nabij Parijs ontdekte ik dat onder de kathedraal een museum voor beeldende kunsten huist.  Het museum kreeg de naam van een van de ontwerpers van de vele "nieuwe steden" van Frankrijk in de 20ste eeuw, nl. Paul Delouvrier (1914-1995). Naast een afdeling met kunst uit Afrika en de Sechellen zijn er drie afdelingen rond religieuze kunst: Ethiopische kunst, westerse sacrale kunst en hedendaagse kunst.

In het museum las ik deze toelichtingstekst over hun collectie hedendaagsekunst(mijn vertaling). In de beknoptheid ervan zit wel een hele visie verborgen over de relatie tussen kunst en geloof.
Hier de tekst.
De hedendaagse kunst is thuis in de kathedraal van Évry. De bouw ervan heeft een aantal schilders en beeldende kunstenaars geïnspireerd om een werk te schenken. Ze zijn hier tentoongesteld met andere recent aangekochte werken, als even zovele getuigenissen van de manieren waarop kunst ontstaat de dag van vandaag. Deze getuigen zijn heel verschillende wegen en kunnen ons in de war brengen.
Christus vraagt na zijn verrijzenis aan zijn vrienden Hem te ontmoeten in Galilea, in het "buitenland", op vreemde bodem. Niet de moderne kunst is in de war, maar de hedendaagse mens vindt moeilijk zijn weg. Wat deze kunstenaars uitdrukken is de vreemdheid en verwarring van de wereld. Zij dagen de mens altijd weer uit om de vaste, gekende wegen te verlaten om zo te durven zichzelf te ervaren en opnieuw te ontdekken.
En dan, als hij het wil, kan de mens zin, betekenis ontvangen.

Vooral de laatste zin vind ik belangrijk. Vanuit de confrontatie met 'andere' wegen en inzichten kan de hedendaagse mens zich openstellen voor nieuwe zin. Zingeving kan evenwel niet worden opgedrongen en hoeft niet te expliciet te zijn. Boodschapperige kunst verhindert juist dikwijls een echte innerlijke ontmoeting met jezelf. Vele werken in Évry bevestigen deze visie.

In de collectie van Évry vinden we werken van gerenommeerde kunstenaars zoals Vassarely en Fromanger naast voor mij minder bekende namen. De collectie biedt een boeiende ontdekkingstocht  en toont inderdaad heel veel verschillende invalshoeken en benaderingen zowel inhoudelijk als naar vormgeving.

(een werk van Gerard Fromager)

(foto van internet- Vasarely : Le Christ)


12 november 2017

De kathedraal van Évry -1-

Op zaterdag 16 september laatst bezocht ik de zuidwestelijke voorstad van Parijs, Évry, om er de kathedraal te bezoeken.
Évry is een van die "nieuwe steden" zoals Frankrijk er wel meerdere kent: steden ontwikkeld om de bevolkingsgroei op te vangen na de tweede Wereldoorlog. Het dorpje Évry met een paar duizend inwoners werd vooral in het laatste kwart van de vorige eeuw volgebouwd met appartementsblokken, een winkelcentrum, een station. Nu telt de stad om en bij de 50.000 inwoners. De Kerk volgde in deze uitbreiding van de Parijse agglomeratie. In 1966 werd het bisdom Corbeil opgericht en in 1988 werd de naam veranderd in Évry-Corbeil-Essonnes. Dan werd ook besloten om een nieuwe kathedraal te bouwen.
De Zwitserse architect Mario Botta ontwierp deze enige Franse kathedraal van de 20ste eeuw. De eerste steen werd gelegd in  1991 en de kathedraal ging open op 11 april 1995.
De cirkelvormige kerk is 34,5 m hoog, meet 38 meter diameter en het dakterras is bekroond met 24 lindebomen. De nieuwe kathedraal werd toegewijd aan de plaatselijke heilige Corbinianus maar kreeg als tweede naam kathedraal van de Verrijzenis. Naast het volume valt eerst en vooral het metselwerk op met de rode bakstenen. En tijdens het bezoek speelde de zon op ingenieuze wijze met de ruimte.
Hier enkele indrukken van buiten en binnen...
(binnenzicht -in de achterwand zijn kantoren en vergaderruimtes verwerkt naast
een kleine expositieruimte over de bouw van de kathedraal
en met 'kerkschatten' uit de eerste kathedraal van Corbeil)

(overzicht binnen van achteraan de kerk)

(spel van licht en bakstenen - orgel is ook ingebouwd in stijl van de kathedraal)

(buitenzicht met klokkentoren en de lindebomen op het dakterras)