9 september 2024

Een oud en nieuw verhaal

Mensen die open staan ervoor ervaren dat er méér leven is dan in de ratio en dan de ratio kan bevatten. Het rationele verhaal is erg éénduidig en eenzelvig. Het is gevangen in de beperking van de rede en is blind voor wat leeft buiten de rede. 
(Felix De Boeck
©FeliXart museum)

Wat buiten de rede te beleven is, is meerzinnig en meerduidig en laat zich best benaderen in beeldspraak, in metaforen en vergelijkingen. Zelfs Jezus kon slechts spreken over wat hem echt ter harte ging in vergelijkingen en parabels. Leerstellingen zijn maaksels om de gemeenschap van vertrouwenden te begeleiden en richting te geven. Uiteindelijk gaat het altijd om het vertrouwen in een ver-nabije vreemd-vertrouwde Andere die ons wil laten leven vanuit wijsheid en niet vanuit kennis. 
De begin dit jaar overleden dichter Fernand Florizoone (1925-2024) schreef over deze menselijke drang om God te benoemen vanuit het besef dat Hij/Zij... telkens weer ontsnapt aan de wurggreep van een naamgeving. Zijn gedicht heeft dan ook de passende titel "De onnoembare". In dit vers spreekt de dichter over God in de 'hij' vorm, vanuit een gangbare mannelijke gender-identiteit, maar door de titel zelf van het gedicht relativeert hij ook als het ware deze plaats in het mannelijke kamp. De dichter heeft wel twaalf regels nodig om die titel te verklaren...

DE ONNOEMBARE

Veraf als de pleiaden
en opwaaiend in het zand

hij schildert het koolwitje
en sluiert de geliefde

in een waterbel
laat hij zich raden

hij is de zang van het veld,
vertaalt zich in wijn en brood

zijn gelaat
is het watermerk van de menigte

boordevol is zijn adem
onzegbaar zijn naam.
(uit: Mesotten, Bart, Als Jij roept in de morgen. Tweehonderd religieuze gedichten ontbolsterd. Uitg. Halewijn, Antwerpen, 2010, blz. 134)  

Die onnoembare laat zich vinden in de natuur en schepping, in de gemeenschap van gelovigen ('brood en wijn') en in de medemensen ('zijn gelaat is het watermerk van de menigte').
Voor wie openstaat is alles 'boordevol' van zijn adem.
In de schilderijen van de Brusselse schilder Felix De Boeck (1898-1995) ademt er een sfeer van sacraliteit zonder concrete figuratie. Zo past een doek van deze schilder bij deze onnoembare.

3 september 2024

Een omweg, tot 500 maal !!!

 Dit bericht is het vijfhonderdste op deze blog. 
Een moment van trots, van dankbaarheid en van bezinning...
Met deze blog wil ik mijn zoeken delen en het ont-dekken van een verhaal van vertrouwen dat gelezen kan worden in beeldende kunsten van vroeger en nu, tussen muzieknoten en in de witruimte van moderne en hedendaagse poëzie.
Ik lees deze tekenen vanuit het verhaal dat is uitgeschreven in de bibliotheek die we nu "Bijbel" noemen. Die verhalen vormen een open raam op ons leven ook anno 2024, en misschien nog actueler dan ooit. Aangezien die bibliotheek een reeks is van getuigenissen en een verslag van het zoeken hoe de relatie kan zijn tussen die dragende grond en wij, mensen, kunnen wij ons zoeken daarin terugvinden en verwoord zien. Die woorden doen iets vermoeden van het éne Woord waarin Hij die is, voor ons bereikbaar wordt.

Zeer recent las ik een vers van de jonge dichteres Aline Vera de Jonge (1989) dat verscheen in het tijdschrift Het liegend konijn (2024/1, blz. 145) en dat getiteld is 'omweg'. 
Zoals kunsten voor mij vaak een omweg zijn en een raam vormen om de vertrouwenswaardige onderstroom van het geloof te ontdekken en weer dichter in mijn leven te brengen, zo dicht de Jonge over haar omweg... en vinden we elkaar. Hij, de te vertrouwen onderstroom van ieder mensenleven, is bereikbaar langs ook de omweg van Aline Vera de Jonge, én naar ik hoop ook langs de omweg van deze blog.


OMWEG

Dit is niet dezelfde rivier
dezelfde brug en ook deze kerk
heb ik niet eerder bezocht
zonder jou.

Ik kniel in de banken
(Hamburg kerk Sankt Jakobi
augustus 2024 - eigen foto)
zonlicht snijdt kleuren door het glas
blauw de mantel
rood het hart en wit
de trillende stilte.

Het is dinsdagochtend
de dorpelingen zijn elders en ook jij
bent ver van hier.

Ik richt mijn blik omhoog
volg bogen, gewelven, speel een lijnenspel
met het zandkleurige steen, en ja
mijn handen hebben zich gevouwen.

Er kijkt altijd iemand toe
natuurlijk, maar dit gebed
is geen doen-alsof.

28 augustus 2024

Het evangelie ver-dicht en ver-beeld - bij El Greco 2

 In een vorig bericht heb ik via El Greco en Simon Vestdijk stil gestaan bij de 'ontkleding van Christus', het moment in het lijdensverhaal waar de soldaten Christus aan de beul zullen overleveren, maar dan twisten over de kleren van de veroordeelde, een extraatje op hun gewone soldij.
Nu wil ik het daaropvolgende tafereel in het passieverhaal belichten, weer aan de hand van een schilderij gemaakt in 1600 door El Greco  (1541-1614) en een gedicht, ditmaal van de Nederlandse dichter Pierre H. Dubois (1917-1999).
Het schilderij dat momenteel in het museum van Athene hangt stelt de kruisiging van Jezus voor, op een rotsblok en in de achtergrond een stad in het donker en met aan zijn voeten de maagd Maria, Maria Magdalen en de apostel Johannes, zoals het in het evangelie van Johannes ook verteld wordt (Joh. 19, 25-27).
(El Greco : Kruisiging met de maagd Maria en Sint Jan de evangelist ©Pinterest)



Dubois schrijft dit sonnet met duidelijk El Greco voor ogen en als beschouwer laveert hij tussen hoop en onrust. De grauwe realiteit van deze marteldood roept wisselende emoties op, die ook te zien zijn in de heftige luchten en de verschillende blikken van wie onder het kruis staan. Het kwatrijn beschrijft eerst het schilderij om dan na de twee kwatrijnen om te slaan naar het poëtische ik en zijn gevoelens.

EL GRECO OP GOEDE VRIJDAG

Een grauwe lucht verwisselt steeds van toon
en wordt door jacht na jacht uiteengereten.
De hemel schijnt door wolken somber-schoon.
Antieke tors in wind en weer vervreten,

zo hangt, gestorven aan zijn kruis, Gods Zoon.
De blikken zijn aan 't loden lijk geketend.
De woeste heuveltop maakt ook de hoon
wanhopig en gemarteld en onwetend.

En 'k vraag waarom, als uit zijn eigen braaksel
de mens ten hemel staart, de kreet niet klinkt:
'Dode Zoon Gods, zo vreselijk is Uw raadsel,

dat door Uw dood - Uw eigen hulploos maaksel -
mijn hoop, gekoesterd door een diep instinkt,
voortaan tot gruwelijke onrust wordt verminkt.'
(uit: Het evangelie volgens dichters. Bloemlezing uit de Nederlandstalige poëzie. Samengesteld door Patrick Lateur en Stefan van den Bossche. Uitg. Lannoo, Tielt, 1999, blz. 206)

22 augustus 2024

Het evangelie ver-dicht en ver-beeld - bij El Greco 1

 In de kunsten zoeken artiesten wat de evangelieverhalen kunnen betekenen. Schilders doen het al schilderend, dichters al dichtend. En soms dichten poëten bij een beeld.
De Nederlandse dichter Simon Vestdijk (1898-1971)schreef een vers bij het grote doek van de Grieks-Spaanse schilder El Greco (1541-1614) El expolio (de ontkleding van Christus)  (1577-1579) dat geschilderd werd voor de kathedraal van Toledo. 
El Greco schilderde een rustige Christus wiens verlichte gezicht naar de hemel is gericht in felrood gewaad, omringd door een reeks harde, grimmige hoofden met elk een eigen persoonlijkheid. Aan zijn voeten zien we links hoe een timmerman het kruis klaarmaakt waaraan hij zal sterven en rechts de drie Maria's die droevig toekijken.
(El Greco : El expolio - ©museodelprado.es)


En de dichter Vestdijk focust zich ook op deze tweedeling boven en beneden, met in de eerste twee terzinen de vraag of Christus zich kon/mocht/wilde redden uit zijn lot of niet. De twee laatste terzinen proberen te achterhalen wat er omgaat bij de moeder van Jezus. Menselijker wijze is de kruisdood die zal volgen op deze ontkleding een falen en dat besef doorademt heel het gedicht van Vestdijk. De dichter verwijst daarbij ook naar de evangeliepassage waarin de soldaten zijn kleren in vieren verdeelden (cfr. Joh. 19,23). Ook al kan een schilderij geen geluid maken, toch weet de dichter de hectiek die Christus omringt mooi te verwoorden : kletteren, twisten, schetteren in contrast met de ingetogenheid van Christus en Maria.
Twee benaderingen, gespreid over vier eeuwen, maar allebei met een heel menselijke inslag, allebei denkend over de menselijkheid en goddelijkheid van Christus.

DE ONTKLEDING CHRISTI

 Naar El Greco

'Kan hij de soldeniers die rond hem kletteren
En twisten om 't eigendom van zijn kleed
Niet met één heffen van zijn blik verpletteren?

Moet hij den laffen aanloop tot een wreed
Voldongen doem als heil'gen plicht betrachten,
Is hij moede voltrekker-zélf van 't leed?'

Voelde er zoo eene onder haar die wachtten
Met hem tezamen op 't einde? Ontstraalden
Haar and're dan berustende gedachten

Waarvan men later wonderen verhaalde?
Zij stond als moeder vroom in 't woeste schetteren,
Maar vrouw is zij geweest den held, die faalde!
(Vestdijk, Simon in : Het evangelie volgens dichters. Bloemlezing uit de Nederlandstalige poëzie. Samengesteld door Patrick Lateur en Stefan van den Bossche., uitg. Lannoo, Tielt, 1999, blz. 182)

16 augustus 2024

Woorden voorbij de stilte

 Heel graag wandel ik over een begraafplaats en dan laat ik de grafstenen of kruisen spreken met hun architectuur, de data over de gestorvenen, de symbolen die gebruikt worden én de teksten die te lezen zijn. 
Onlangs was ik op de rooms-katholieke begraafplaats Sint-Laurentius in Rotterdam (Crooswijk) en hier enkele grafschriften die mij zijn opgevallen.

Elk op hun manier spreken ze voor zich, 
spreken ze ook voorbij de grote stilte van de dood,
vormen ze stof tot bezinning en gebed.




9 augustus 2024

Christus atleet ... (2)

 Jezus wordt soms voorgesteld en uitgebeeld als de 'ideale' man, volgens de normen van deze of gene tijd en van deze of gene cultuur. In de tijden van de barok levert dat een veelheid op aan verbeeldingen van een zeer atletische figuur die zo kan verschijnen op de atletiekpiste of het zwembad. Daarbij weten we op geen jaren of dat beeld ook maar enigszins met de historische Jezus overeenstemt. Ik vermoed eerder niet dan wel...
(kathedraal Brugge - eigen foto) 
In deze dagen van de Olympische Spelen kunnen we niet alleen kijken naar een atletische Jezus, maar ook enkele Bijbelse plaatsen lezen waar het christelijke leven wordt vergeleken met het leveren van een sportprestatie.


In de eerste brief van Paulus aan de gemeente van Korinthe verdedigt hij zijn grote ijver en inzet op deze manier (vertaling Naardense Bijbel) : " Alles doe ik voor het evangelie, om er zelf ook deel aan te krijgen. Ge wéét het: wie in het stadion hardlopen lopen allen hard, maar slechts één behaalt de prijs; loopt dan zo dat ge die haalt! Ieder die traint voor een wedstrijd beheerst zich in alles, zij om een vergankelijke krans te ontvangen, wij voor een onvergankelijke. Daarom loop ik niet hard zonder doel en ben ik geen bokser die in de lucht slaat." (1 Kor. 9, 23-26). 
 En in de brief aan de Hebreeën worden de gelovigen opgeroepen om met volharding "de wedstrijd te lopen die voor ons ligt"  (Hebr. 12,1).
(collegiale kerk St. Waltrude Bergen/Mons - eigen foto)



5 augustus 2024

Christus atleet... (1)

 Van Jezus Christus bestaan geen 'levensechte' afbeeldingen. Volgens de traditie is het gezicht van Jezus geprent in de zweetdoek waarmee Veronica tijdens de kruisweg zijn gezicht heeft gedept. Maar dat verdient wel een korrel zout...
Een voordeel van dit gebrek aan een 'historisch' beeld is dat de persoon van Jezus in elk tijdsgewricht en in elke regio/cultuur weer altijd andere uitbeeldingen kreeg.

In deze dagen waar het gonst van de berichten over de Olympische Spelen zie ik zo voor mij een aantal beelden van Christus die ons een ideale, atletische persoon tonen, een jonge man met een afgetraind lichaam, iemand die zo zou kunnen deelnemen aan een olympische wedstrijd zwemmen of atletiek. 
Zo zag ik in de kerk Sint Walburga in Veurne in de loop van de maand juni laatst enkele sculpturen met een atletische Jezus.
Passend in deze dagen vol van atleten...


(eigen foto's)