Posts tonen met het label beeldende kunst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label beeldende kunst. Alle posts tonen

17 juni 2026

Troyes - broze lichtwijzers in de kathedraal

 In de gotische kathedraal van Troyes (Noord-Frankrijk, dep. Aube) zijn er vele hedendaagse kunstwerken die het geloofsverhaal mede actualiseren. Als een soort dialoog met de middeleeuwse glasramen ontdekte ik ook enkele werken in glas tijdens de rondgang doorheen deze grote en grootse kerk. 
Glas laat licht door, glas kan gekleurd zijn en zo het licht mee breken en verdelen, maar glas is ook een breekbaar materiaal. Zoals wij mensen die kunnen stralen en door woord en leven een weg wijzen, maar die ook kunnen breken onder druk en agressieve inbreuken.
Een van de vele zijkapellen van deze kathedraal is ingericht als gebedsruimte met daarin centraal op het altaar een tabernakel, waarin de gewijde hosties bewaard worden en zo het verblijf zijn van Christus. 
Bij de ingang van deze kapel, langs de kooromgang wijzen er twee glazen panelen naar die ruimte, met links en rechts een engel met ruim gespreide vleugels getekend (gegraveerd of ?), engelen die Gods nabijheid aankondigen. Dit is een werk van Fritz Muehlenbeck uit 2009. Zoals de engel de aanwezigheid van Jezus aankondigde aan Maria, zo kondigen deze twee transparante figuren ook de eucharistische aanwezigheid aan.
(eigen foto's)



Eenmaal in de kapel wordt de blik van de bezoeker getrokken naar het altaar waarop een tabernakel staat in glas, een veelkleurig spel van kruisen. Hier denk ik spontaan aan die passage het de eerste brief van Petrus die het erover heeft dat wij als christenen rentmeesters zijn over de veelkleurige genade van God. Ik verwijs graag naar mijn artikel hierover in het monastieke tijdschrift De Kovel (nr. 55, november 2018). Dit bijzondere tabernakel (of zoals het in Frans klinkt la tour eucharistique) is gemaakt door Hélène Mugot in 2008.
(eigen foto - mei 2026)

Hedendaagse glaskunst dicht bij de gelovigen terwijl in de hoge ramen de oude glaskunst ook haar bijdrage levert aan het tonen van de veelkleurige genade van God.

11 juni 2026

Troyes - beeldende geloofsgetuigen in de kathedraal

 In de kathedraal van Troyes zie je tijdens een bezoek hoe dit gebedshuis evolueert in de uitbeelding van het geloofsverhaal. Binnen de middeleeuwse constructie die de kathedraal is, zag ik sculpturen uit de middeleeuwen tot beelden gemaakt in deze eeuw.
Een uit steen gehouwen en gepolychromeerde beeldengroep, gemaakt midden 16e eeuw, stelt voor hoe Augustinus door Ambrosius wordt gedoopt.
(Ambrosius doopt Augustinus - eigen foto mei 2026) 



Van een andere orde is de terracotta beeldengroep "Les femmes au tombeau" gemaakt in 2011 door Christiane Boone. In alle evangelies staat dat de eerste getuigen van het lege graf vrouwen waren. Bij Mattëus zijn er twee, bij Johannes enkel Maria Magdalena en bij Marcus en Lucas zijn er drie. In Troyes zien we drie keer drie vrouwen, van donker naar licht. Donkerbruin (aards) en verslagen richting het graf, zwart en verbouwereerd voor zich kijkend naar het lege graf  en in kleur wegrennend van het graf om te getuigen.
(Les Femmes au Tombeau - Christiane Boone - eigen foto mei 2026)


Zo krijgen oude en nieuwe geloofsverbeelding een plek in dit gotische huis van gebed en ontmoeting.


15 februari 2026

Ceci est

 In 2008 maakte de Belgische artiest Fabrice Samyn een bijzondere installatie met als titel : ceci est.
In de Villa Empain zag ik in november 2025 dat werk tijdens een tentoonstelling rond het thema 'vuur'.
In een donkere nis is een gouden pateen te zien die rust op een zeer dunne sokkel. De pateen is een voorwerp dat in de katholieke liturgie wordt gebruikt om de gezegende hostie (het lichaam van Christus) op te leggen. Bij de consecratie zegt de priester 'dit is mijn lichaam' (of in het Frans : Ceci est mon corps), naar de woorden die Jezus uitsprak tijdens het laatste avondmaal (cf. Lc. 22, 19). Vanuit een zeer bepaalde hoek wordt een lichtstraal geprojecteerd op de pateen die voor een reflectie zorgt op de muur. Deze reflectie heeft de vorm van een vlam. De vlam komt als uit het niets.
(Fabrice Samyn : Ceci est -  eigen foto)


De artiest zegt zelf op zijn website dat er verschillende 'lezingen' mogelijk zijn en dat alle lezingen hun waarde hebben.
We mogen aan de Heilige Geest denken die op Pinksteren in de vorm van een vlam boven de hoofden van de apostelen verscheen.
We mogen denken aan de transsubstantiatie leer, die stelt dat tijdens de consecratie in de mis de hostie verandert van brood tot lichaam van Christus.
We mogen ook denken aan de recente kunsthistorische stromingen waarbij men voorwerpen die men ergens 'vindt' in een kunstcontext plaatst waardoor het tot kunstobject wordt verheven, de zogenaamde 'ready mades'.
Creatief en boeiend hoe hedendaagse kunstenaars omgaan met de katholieke rituelen en liturgische voorwerpen en zo gelovigen laten nadenken over vertrouwde handelingen.

28 januari 2026

Met een ladder de drempel over - 5 -

 Een trap of een ladder is voor een cultureel antropoloog een liminale ruimte, een overgangssituatie tussen een vertrouwde omgeving en een nieuwe, nog onbekende toekomst. De tentoonstelling Faith No More in ABBY (Kortrijk, tot en met 1 maart) kunnen we ook zien als een verkenning van de drempeltijd waarin wij nu als maatschappij leven. Overgangstijden die onzeker maken en ons laten balanceren tussen hoop en angst, tussen oude rituelen en nieuwe nog te ontginnen vormen. 
Het eerste deel van de expo kreeg als titel 'Inferno', verwijzend naar de neerdrukkende zorgen en naar de apocalyptische rampscenario's omdat het vertrouwde uiteenvalt, terwijl het tweede deel van de expo genoemd is 'Arcadia', een paradijselijke toestand van één moment of lange duur. Tussen deze twee delen is een gang (een liminale ruimte opnieuw!) waarin onder anderen een kopergravure te zien is naar Maarten de Vos verbeeldend de Bijbelpassage van de droom van Jakob die een ladder ziet op de aarde met engelen die op- en neergaan daarlangs (cfr. Genesis 28, 10-22) (zie tweede bericht uit deze reeks).
(Maxim Frank : Echelle #14
eigen foto)

We zagen in het eerste deel van de expo twee ladders (Anderson en Abramovic). In de 'arcadia'-zalen zien we nog een ladder, maar dan wel een heel aparte. De ladder is gemaakt door de Brusselse artiest Maxim Frank (1985). Deze kunstenaar bekijkt alledaagse voorwerpen en verkent de grenzen van hun nut en ontdekt zo ook hun symbolische kracht. De ladder dient om twee verschillende niveaus met elkaar te verbinden, er is een hoger en een lager. In zijn werken heeft Maxim Frank vaak een ladder gemaakt die schijnbaar nutteloos is. Zijn website tonen meerdere nutteloze, maar daarom niet zinloze ladders ( https://maximfrank.com/). In de expo in Kortrijk zien we Echelle #14, waar een ladder een kronkelend symbool wordt van oneindigheid. De trap die ons menselijke bestaan opentrekt naar een open ruimte en die we kunnen associëren met de jakobsladder. Onze kronkelwegen als mens op zoek naar hoger, beter, meer leiden ons naar een openheid waarvan we begin noch einde zien. De weg naar arcadia is voor Frank best avontuurlijk en doet beroep op onze menselijke capaciteit om ons nuttigheidsstreven te overstijgen. Wie alleen denkt en leeft in termen van geld, 'doelen' en eendimensionaal streven zal nooit arcadia bereiken.

22 januari 2026

Met een ladder de drempel over - 4 -

 In vorige berichten stelde ik dat de tentoonstelling  Faith No More in ABBY (Kortrijk, nog t.e.m. 1 maart) onze overgangstijd probeert te vatten via kunstwerken allerhande. Het verhaal van Jakob die alleen, op de vlucht, in de nacht, in een droom een ladder ziet met engelen (Gen. 28, 10-22) is in de expo te zien, naast een aantal andere ladder-kunstwerken. 
(Abramovic :
Double Edge
eigen foto)
Vorige keer stond ik stil bij een koperen ladder van Alice Anderson, nu wil ik een geheel andere ladder uit de expo naar voren brengen, het kunstwerk Double Edge van Marina Abramovic (1946).

In de jaren 90 maakte ze een reeks 'Objects for Human Use', waarin alledaagse voorwerpen worden omgevormd tot sculpturen die onze grenzen testen. We zien in de expo een ladder met messen en Abramovic wil dat wij in gedachten de ladder sport voor sport beklimmen, bij voorkeur blootvoets. Zo wil ze ons laten nadenken over lichamelijk en mentaal lijden,  over de keuze om pijn te ondergaan of te vermijden en over de ervaring van vrijheid en zelfbeheersing. 
In onze drang om hogerop te komen, -en we moeten hier deze metafoor niet louter  denken als een religieus verlangen naar een 'hemel', we mogen elke ambitie naar 'hoger' in gedachten nemen-,  moeten we ook pijn doorstaan. Hoe ver willen we gaan? Hoeveel mag onze ambitie naar de top (waar die ook ligt) of naar de eerste of de machtigste positie ons kosten aan lichamelijke en/of mentale pijn? Offeren we daarvoor onze gezondheid, ons gezin, onze vrienden, onze menselijkheid op? Of gaan we juist meer bewust omgaan met de grenzen en beperkingen van onszelf en anderen omdat we ook anderen die ervaring van vrijheid en voldoening willen gunnen? 
De ladder als overgang krijgt bij Abramovic wel een heel scherpe betekenis.

18 januari 2026

Met een ladder de drempel over - 3 -

 Levend in liminale tijden, zoals ik in vorige berichten stelde, voelen we ons kwetsbaar en onzeker. De gekende maatschappij die ons normaal houvast biedt verbrokkelt en we weten niet altijd goed wat ons overkomt. Wat we dachten veilig en zeker te zijn, blijkt soms juist heel gevaarlijk. In het Bijbelboek Genesis zien we Jacob, op de vlucht, alleen, tijdens de nacht, dromend over een ladder met engelen (zie vorig bericht), dus ook in een liminale situatie. In de expo in ABBY (Faith No More; nog tot en met 1 maart) zien we tijdens het voorgestelde parcours meerdere ladders. 
(©consultancy.nl)

In het dagelijkse leven verdwijnen ladders meer en meer uit het zicht, dank zij liften en veranderende  leefomstandigheden. Maar de ladder blijft in onze taal overeind  als beeld om het verschil in maatschappelijke niveaus te verwoorden en te overwinnen. We proberen hoger te klimmen op de maatschappelijke ladder, in de hiërarchie van een bedrijf, bij sportcompetities,... We vergelijken elkaars positie op een denkbeeldige schaal, trap of ladder en we kijken meestal met een tikkeltje jaloersheid naar wie 'hoger' staat dan wijzelf. Een ladder is, zoals in een vorige bericht ook vermeld, een fysieke liminale ruimte, een overgangsgebied tussen een beneden en een boven. In deze drempeltijden gebruiken artiesten dan ook soms de ladder om een statement te maken over onze tijd.
(Alice Anderson
LADDER 
-memorised object series
- eigen foto) 

Zo zien we in Kortrijk een werk van de Franse Alice Anderson (1972), nl. een in koper gewikkelde ladder. Zij is geboeid door de snelle technologische evoluties, waarbij koper een essentiële geleider is om data door te geven (nu neemt de glasvezelkabel deze geleiding meer en meer over). Sinds 2010 wikkelt Anderson alledaagse objecten en technologische apparaten in met koperdraad. Zo ontstaan bijna rituele sculpturen. In de alchemie staat koper ook symbool voor schoonheid, verbinding en de kracht van transformatie. Zo wordt een ladder tot een spiritueel object, een brug tussen het aardse en het hogere, tussen materie en bewustzijn.
De koperen ladder van Anderson wordt zo in zekere zin een hedendaagse verbeelding van de droom van Jakob, waarbij we dromen dat alle heil zal komen van de technologische vernieuwingen.

25 december 2025

Nu komt de Heiland

 Vredevol kerstfeest gewenst aan ieder die dit bericht leest,
toevallige passant of regelmatige bezoeker van deze blog.

(glasraam met kerstscène
in de kerk van Ter Kameren Brussel
  eigen foto)


Op zo'n dag past feestelijke muziek van J.S. Bach.
Een trio voor orgel BWV 660 gebaseerd op een courant
adventslied in lutherse kringen : Nun komm, der Heiden Heiland,
gespeeld door Dimitri Ushakov.


Daarbij nog een vers van Erik Van Ruysbeek 
over Bach en over vrede...

BACH

Onpeilbare, ondoordringbre vrede
weeft aureolen om elk ding
van innige tonentinteling
en wijdingsvolle murmlende gebeden.

Het orgel speelt. De tijd is weggegleden,
achter haar sluiers schuilt herinnering,
een tijdloos nu ruist zonder rimpeling
doorheen de ruimten en de zekerheden.

O rust der volle ziel, eenheid van 't leven
in 't onverstoorbaar evenwicht van 't lot,
mij werd uw klaar bezit nog niet gegeven

noch de gena van een sereen genot.
O vrede, daal in mij en laat mij hoger zweven
van alle smart ontdaan in 't evenwicht van God.
(uit: Was alles maar Bach. Zesenveertig gedichten over Johann Sebastian bijeengebracht door René Smeets., uitg. P, Leuven, 2021, blz. 66)

12 december 2025

Nova et vetera - expo Abby - 3 -

 In deze advent bereiden we ons voor op de komst van Christus. Het is een tijd van verlangen. Dit verlangen kunnen we voeden met verhalen over heling en verbinding en met dromen over een nieuwe wereld voorbij haat en oorlog. In deze adventtijd wordt er vaak voorgelezen uit de profeet Jesaja. 
"Maar opschieten zal een twijg uit de tronk van Jesse,-
een scheut uit zijn wortels zal bloeien.
Rusten zal op hem de geest van de Ene,-
een geest van wijsheid en verstand,
een geest van beraad en sterkte,
een geest van kennis en ontzag voor de Ene.
(...) Geringen zal hij richten met gerechtigheid,
in oprechtheid zal hij vonnis vellen voor
de gebogenen op aarde. (...)
Te gast zal zijn een wolf bij een schaap,
een panter vlijt zich neer bij een bokje;
kalf, leeuwenwelp en mestvee tezamen :
een kleine jongen zal ze drijven." (Jesaja 11, 1-2,4,6
 - Naardense Bijbelvertaling)
Een nieuw koningskind wordt aangezegd dat zal zorgen voor een vredevolle samenleving. De dieren die worden opgevoerd moeten dit verlangen naar een harmonieuze maatschappij zonder onrecht poëtisch verbeelden. 
Aan deze profetische passage dacht ik bij het bezoek aan de tentoonstelling Faith No More. Rituals for Uncertain Times in Abby (Kortrijk - nog tot 1 maart 2026) bij het zien van een fotoreeks over de performance van Joseph Beuys (1921-1986) in 1974 New York. 
De kunstenaar laat zich opsluiten gedurende drie volle dagen in een kooi samen met een coyote. Voor de oorspronkelijke bevolking van Amerika is de coyote een heilig dier dat zich kan verplaatsen tussen de fysieke en de spirituele wereld. Beuys had zichzelf in grijs vilt gewikkeld en hield een staf bij. Op het einde van deze drie dagen omhelsde Beuys de coyote. Er was een soort verstandhouding ontstaan tussen mens en dier. Over deze performance kan je ook meer lezen op het internet onder anderen via deze link naar een artikel uit het monastiek tijdschrift De Kovel (nr. 69, september 2021 : https://dekovel.org/wp-content/uploads/2021/11/102904_De-Kovel-69_Resonanties.pdf).
(©LargeGlass)


Ergens anders in dezelfde expo toont een andere Duitse kunstenaar wat er van onze wereld wordt als wij het dierlijke in ons loslaten zonder voeling met onze bodem van verlangen en zonder besef dat wij als mens allemaal 'maar' mens zijn. Uit de 50-delige reeks etsen 'Der Krieg' (1924) van Otto Dix (1891-1969) zijn er in Kortrijk 21 te zien.
( Otto Dix : uit reeks Der Krieg - eigen foto)


Kunstenaars en profeten helpen de brug te bouwen tussen onze fysieke, kwantificeerbare wereld en de wereld van het diepmenselijke verlangen naar heling die aan alle meetbaarheid voorbij gaat. Dit verlangen naar heelheid koesteren is advent ten volle beleven.


6 december 2025

Nova et vetera - expo Abby - 2 -

 Advent is de tijd van het verlangen en het besef dat wij als mens onszelf niet tot heil kunnen zijn. Er is een ander/de Ander nodig om ons van onszelf te bevrijden. De ontwikkelingen van onze maatschappij in de laatste decennia tonen dat er ondanks alle technische en wetenschappelijke vooruitgang geen globaal welzijn is gerealiseerd op onze globe. De mens blijft zichzelf in de weg staan.
 Straks is iedereen in Vlaanderen weer in de ban van de warmste week. Een opflakkering van medemenselijkheid als je het positief bekijkt; een zoveelste evenement dat aangevinkt kan worden op de bucketlijst als je het cynisch bekijkt. 
Met veel minder poeha en zonder dat 'event'-gehalte zijn er al jaren vele mensen, meestal in de luwte aan het bouwen van een warme samenleving. Al sedert 1969 is er in Vlaanderen in deze tijd van de Advent de actie Welzijnszorg die steun biedt aan structurele projecten tegen armoede en kansarmoede. Deze actie is als het ware een hedendaagse vertaling van de klassieke zeven werken van barmhartigheid zoals die werden gepromoot door de Kerk, maar overstijgen het louter caritatieve omdat ze ook inzetten op maatschappelijke veranderingen.

Door de expo Faith No More. Rituals for Uncertain Times (nog tot 1 maart in museum Abby in Kortrijk) kunnen we ook stilstaan bij de vraag hoe wij anno 2025 barmhartigheid betrachten. Zo zien we bijvoorbeeld een schilderij uit het laatste decennium van de 15e eeuw over het laatste oordeel, met afgebeeld langs de hemelzijde de zeven werken van barmhartigheid en langs de helzijde de zeven hoofdzonden. Een schilderij met een duidelijk didactische boodschap én opbouw.

(©maagdenhuis)


Even later in de tentoonstelling zien we een aantal werken van de Italiaanse kunstenares Marinella Senatore (1977) uit haar reeks "Protest Forms". Het zijn qua vorm processievaandels of strijdbanieren geborduurd tijdens projecten die de kunstenares uitvoert met lokale vrouwengroepen. Elk vaandel viert daarbij als het ware de collectieve kracht. Hierbij een van de tentoongestelde vlaggen die een even duidelijke boodschap draagt als het schilderij van ca. 1490-1500.
"We rise by lifting others"... Wij groeien door anderen te helpen groeien". Het gaat niet om ons ego maar om onszelf te vergeten zodat anderen mogen groeien, niet zoals wij willen, maar vanuit de kracht die ze bij zijzelf ontdekken. 
(eigen foto)


Vanuit deze ingesteldheid kan deze tijd uitgroeien tot een doorleefde advent en tot een daadkrachtig verlangen naar heling.

30 november 2025

Nova et vetera - expo in Abby - 1 -

 De Latijnse woorden 'nova et vetera' hebben hun oorsprong in het Mattheüsevangelie (15,32) : "Zo lijkt iedere schriftgeleerde die leerling in het koninkrijk van de hemel is geworden op een huismeester die uit zijn voorraadkamer nieuwe en oude dingen te voorschijn haalt."
Aan deze passage dacht ik bij het bezoek aan de veelzijdige en inspirerende tentoonstelling die nog tot 1 maart 2026 te zien is in het Kortrijkse museum ABBY. De titel van de expo "Faith No More. Rituals for Uncertain Times."  De curatoren zelf noemen hun expo een tentoonstelling over apocalyptisch denken, (wan)hoop en troost in de middeleeuwen en vandaag.
Maar de saus die alles bindt is het christelijke verhaal van de lijdende Christus en de overweldigende beelden van het boek van de Openbaring (Apocalyps). 
In de tentoonstelling zien we oude beelden naast heel nieuwe kunstwerken: nova et vetera! Het voorgestelde parcours begint bij het inferno en gaat dan over naar arcadia. Het scheppingsverhaal, de zondeval en de zoektocht naar verdwenen onschuld, de ontdekking dat alles ijdel is en de wanhoop van de lijdende mens (en Christus) voeren naar de apocalyps van toen en van nu. Via de gang van kennis en wijsheid gaan we dan van het donker naar het licht. Zo komen we in arcadia met thema's als eeuwigheid, wedergeboorte, viering, hoop en nieuwe verhalen.
Deze droge opsomming klinkt saai, maar de voortdurende wisselwerking tussen oude kunst (13e-17e eeuw) en hedendaagse kunstwerken brengt telkens nieuwe prikkels tot reflectie en meditatie. De spiegel die ons wordt voorgehouden kan lang nawerken bij mensen die met een openheid van geest deze expo bezoeken. Een aanrader als je het mij vraagt (en ook als je het mij niet vraagt).
In deze advent kan het helpen onze zintuigen aan te scherpen om te ontdekken dat de woorden van Johannes de Doper ook nu nog actueel zijn : 'Midden onder u staat Hij die gij niet kent' (Jo. 1, 26).
Hier een voorproefje van de expo.
(eigen foto)

Op de langste wand is er een houtsnede van Albrecht Dürer (de bewening van Christus, ca. 1497)) en deels achter de handen van de centrale sculptuur een Lamentatie door een onbekend Antwerpse schilder (ca. 1515). Op de rechterwand een werk van dit jaar van de Zuidafrikaanse artiest Kendell Geers (Stations of the Cross 5102) .
We zien er de voetafdrukken van de artiest in koolstof en op de zijkant de kruiswoorden van Jezus : Eloi Eloi Lama Sabahtani (Mijn God, mijn God, waarom heb je mij verlaten) (cfr. Mt. 27,46 ; Mc. 15,34 en Ps. 22, 1). Centraal is er het levensgrote beschilderde bronzen beeld van Tony Matelli : Sleepwalker (de slaapwandelaar).
Beeld van onszelf in onze tijd? Het verdriet om God die dood is; de voetstappen van wie zich stappend afvraagt waar God blijft; de kwetsbare man die op de tast verder wandelt zonder te zien waarheen zijn stappen hem brengen. 
Beeld van onszelf en ons sluimerend verlangen naar heling?

15 november 2025

Beelden die spreken - Straatsburgse prikkels - 1 -



(Markus Lüpertz : Herte
-eigen foto)
God is onzienbaar voor onze ogen maar dankzij zijn Zoon weten we dat we hem werkzaam kunnen zien doorheen mensen en hun werken. Ook kunstwerken kunnen ons anders leren kijken en luisteren naar de Bijbelse verhalen. 
Zo zag ik eind september in het museum voor moderne en hedendaagse kunst (MAMC) in Straatsburg een sculptuur van de hedendaagse Duitse kunstenaar Markus Lüpertz (1941) die onmiddellijk aanspreekt. Een naakte jonge man draagt op zijn schouders een jong schaap. Een herder dus die direct doet denken aan een gelijkenis van Jezus over God die altijd opnieuw zoekt om wat verloren is terug te vinden. Het hoofdstuk 15 van het Lucas evangelie vertelt via drie verhalen hoe God begaan is met het verlorene (het weggelopen schaap, het zoekgeraakte geldstuk en de twee zonen).

Fascinerend is hier bij deze sculptuur de naaktheid van de herder. Wie wil herderen en anderen hoeden doet dit best vanuit zijn eigen kwetsbaarheid. De eigen naaktheid en broosheid beleven kan de goed bedoelende herder bewaren voor betutteling van (of dwingelandij over) het verloren schaap. 

Het beeld van de goede herder die het schaap terugbrengt sluit natuurlijk ook aan bij de psalm 23, met het bekende beginvers: de Heer is mijn herder... 
Deze woorden mogen ons evenwel niet in slaap sussen, zoals dichter Michel van der Plas (1927-2013) schrijft. Geloof, zeker in onze dagen, is een blijvende uitnodiging én uitdaging. Het herderschap van God vraagt ook om zelf te volharden in verlangen en hoop.
Twee kunstenaars die onze blik openen op het herder-zijn van God voor elk van ons vandaag.

PSALM

De Heer is mijn verder. Hij laat mij missen:
roes, aarde, nu. Laat mij te weinig zijn
en wensen. Drijft mij op naar duisternissen
van bos en braakland, in een perk van pijn.

Is mijn elders. Laat hemelen verhalen,
de macht, de glorie. En houdt mij doodsbang
over mijn dorst gebogen. Zendt zijn stralen
bij mondjesmaat. En wacht, mijn leven lang.

Mijn vijand drinkt en doezelt voor mijn ogen.
De kinderen zingen van een vergezicht.
De Heer is mijn eenmaal. Ik moet nog hoger.

Zijn heil en zegen zullen op mij jagen,
mijn leven lang. Ik zal het dwingelandslicht
zien, haten en verlangen, al mijn dagen.
(uit: van der Plas, Michiel, De oevers bekennen kleur. Verzamelde gedichten., uitg. Lannoo, Tielt, 1994, blz. 121)

7 oktober 2025

Denkend bij devotie : de maagd met uitgestrekte armen van Straatsburg

 Bij een bezoek op een doordeweekse, regenachtige dag aan de kathedraal van Straatsburg stond in de linkerzijbeuk heel centraal een bijzonder beeld van Maria, omringd met tientallen kaarsjes, wat de devotie tot dit beeld aantoont.
Het beeld blijkt van recente datum te zijn (1946), gemaakt door Pierre Klein en gepolychromeerd door Guy Vetter. Wel gaat het terug op oudere afbeeldingen die onder andere te zien waren op processie- en bedevaartvaandels. De oudste afbeelding zou enkele honderden jaren oud zijn en ontstaan na de vrijwaring van de stad tijdens een oorlog, vrijwaring toegeschreven aan de bescherming van Maria. Met het Christuskind op haar schoot strekt zij haar armen zijwaarts beschermend over de stad. Deze uitbeelding zou typisch Straatsburgs zijn.
Het beeld stond eerst in de crypte van de kathedraal, waar het maar sporadisch te zien was, maar sedert oktober 2019 kreeg het zijn huidige prominente plaats en is dagelijks te bezichtigen en vereren door inwoners en toeristen.

(eigen foto)


18 september 2025

Vormgegeven gebed

 Onlangs bezocht ik (opnieuw na véle jaren) het Kröller-Müller Museum in Nederland (park de Hoge Veluwe, Otterlo). De rijke kunstminnende Hélène Müller verzamelde een grote collectie met vooral schilderijen en tekeningen, maar ook een aantal sculpturen. De stichting die haar werk verderzette, kocht later ook vooral beelden aan die meest in de tuinen rond het museum staan. Binnen in de museale ruimte staan een aantal 'intiemere' beelden, waaronder een werk van de Spaanse artiest Julio Gonzales (1876-1942), die vooral werkt met losse stroken ijzer en deze construeert tot schetsmatige figuren. Gonzales omschreef zijn werk zelf als 'tekenen in de ruimte'.
In Otterlo zag ik dit werk, dat zelfs zonder het titelplaatje te bekijken duidelijk een suggestie maakt. Een geknielde figuur met lange haren die haar lichaam voorover strekt. Titel van het werk bevestigt mijn intuïtie : "La prière" (het gebed).

(Julio Gonzales : Het gebed 1936 - eigen foto)


Gonzales tekent in de ruimte een stuwing van de grond naar omhoog, een verlangen naar voren en boven, een loskomen van de aarde. Maar om dit verlangen vorm te geven, heeft de maker wel zeer aards materiaal nodig.
Zo herken ik in dit beeld een betrachting die altijd onvervuld zal blijven, een verlangen dat nooit volledig tot vervulling kan/zal komen. Zo dichtte Guido Gezelle deze bekende verzen die met woorden het onvervulbare verlangen dat het hart vormt van elk gebed proberen uit te zeggen. Een beeldend kunstenaar en een dichter zoeken elk met hun eigen middelen het gebed als diepste verlangen van de mens vorm te geven.

GIJ BADT OP EENEN BERG ALLEEN

Gij badt op eenen berg alleen,
en... JESU, ik en vind er geen
waar 'k hoog genoeg kan klimmen
om U alleen te vinden:
de wereld wilt mij achterna,
alwaar ik ga
of sta
of ooit mijn oogen sla;
en arm als ik en is er geen,
geen een,
die nood hebbe en niet klagen kan;
die honger en niet vragen kan;
die pijne, en niet gewagen kan
hoe zeer het doet!
o Leert mij, armen dwaas, hoe dat ik bidden moet!

(uit: Gedichten Gezangen Gebeden, 1862)

27 juli 2025

h3h - A Deeper Shade of Soul - 3 -

 Voor een derde maal wil ik enkele kunstwerken belichten uit de expositie in de kloosterdriehoek van Oosterhout (NL), nog tot en met 3 augustus te zien. Vergankelijkheid, dood en nieuw leven zijn constante thema's in het christelijke leven, want juist de dood en verrijzenis van Jezus staat centraal in het geloof. Meerdere artiesten hebben rond dit thema gezocht naar eigen beelden.
In de kerk van Sint-Catharinadal staat een grote installatie, ontworpen door Jonas Wijtenburg, waarop Vincent de Boer gedurende de duur van de expositie de namen kalligrafeert van alle overleden zusters sedert de stichting van dit klooster in 1271. Zo sluit deze artiest aan bij enkele kloosterlijke gewoontes. De gestorven voorgangers worden op de verjaardag van hun overlijden in herinnering gebracht. Daarnaast hebben tot ver na de middeleeuwen kloosterlingen in hun scriptoria teksten, boeken en documenten overgeschreven. 
(eigen foto)


In de Sint-Paulusabdij heeft Inge van Genuchten in de schuur de installatie "Duin der dagen" opgesteld. Ook deze installatie groeit tijdens de expositie. Er stroomt onafgebroken een straal fijne zandkorrels naar beneden. Op de vloer ontstaat zo een steeds groter wordende duin. In de bijbel gaat het vaak over zand. God belooft Abraham een nageslacht zo talrijk als de zandkorrels aan de zee (Gen. 22,17 ; Gen. 32,13). De psalmist zegt in psalm 139 "Hoe moeilijk zijn uw gedachten voor mij, God, wat een machtig geheel. Ga ik ze tellen, ze zijn zo talrijk als het zand aan de zee."(vertaling : Oosterhuis en van der Plas). Zand is ook symbool voor vergankelijkheid en onstabiliteit, zoals in de vergelijking die we lezen bij Mattheus over het bouwen op de rots of op zandgrond (Mt. 7, 24-27). Deze laatste connotatie doemt ook op bij het zien van de installatie van van Genuchten... we zien een soort reuze-zandloper waarbij de tijd ons ongrijpbaar door de vingers glipt en waarbij wij als mens slechts een nietig korreltje zijn in deze 'Duin der dagen'.
(Inge van Genuchten : Duin der Dagen - eigen foto)


Nog in de Sint-Paulusabdij, in de vroegere pottenbakkerij zijn er een reeks heel aparte kunstwerken te zien van Patrick Neu. Glazen bekers of roemers zijn op zich al heel fragiel, maar de kunstwerken versterken nog het gevoel van broosheid. Met behulp van rook schildert Neu heel accuraat bekende schilderijen na. Bosch, Bouts, Holbein, Rubens met werken als het laatste oordeel of de val der engelen enz... worden teruggebracht tot heel kleine afbeeldingen, uitgekrast in een laagje roet. Hoe vergankelijker kan het nog???
(Patrick Neu - eigen foto)



Het besef van vergankelijkheid en eindigheid geeft aan het leven van de mens een diepere zielskleur. Dat beleven kloosterlingen en artiesten en dat geven ze door in deze bijzondere tentoonstelling.

21 juli 2025

h3h - A Deeper Shade of Soul - 2 -

 Nog tot en met 3 augustus kan je in de heilige driehoek van Oosterhout al wandelend tussen de drie abdijen daar hedendaagse kunst ontdekken die wil aansluiten bij de kloostertraditie en het zoeken naar spiritualiteit, maar die ook wil verbinden met de actualiteit.
Rond het thema "A Deeper Shade of Soul" (een diepere zielskleur) hebben twintig artiesten een werk gemaakt dat wil uitnodigen tot diepgang.
In het klooster van de Norbertinessen, Sint-Catharinadal, kan je in een gangpad naast de kerk beklijvende tekeningen en schilderijen zien van Ceija Stojka (1933-2013), Oostenrijkse Roma die drie nazi- concentratiekampen heeft overleeft. Rond haar vijftigste begon ze haar trauma's te schilderen, stiekem tussen de huishoudelijke werkjes door. De reeks gouaches die worden getoond zijn ofwel heel kleurrijk (Helle Bilder) die sprankelen van levenslust ofwel heel grijs en donker (Dunkle Bilder) die de volkerenmoord van de nazi's op haar volk verbeelden. Op enkele gouaches schilderde ze een Mariakapelletje want vanuit haar geloof dankt zij haar overleving mede aan Maria. Hier een donker beeld, die bij mij ook reminiscenties oproept aan het bekende doek van Vincent van Gogh 'Kraaien over het korenveld'. De link met actuele vervolgingen en kampen is ook gauw gemaakt.
(Ceija Stojka - eigen foto)


In een bijgebouwtje van het Sint-Catharinadal zien we werk van Bronwen Jones die kledingherstel tot kunst verheft. Daarmee sluit ze aan bij de kloosterlijke traditie om duurzaam en niet spilziek te leven. Jones herstelt kleding op een zichtbare, opvallende manier. Voor de kunstenares was het herstellen van een ochtendjas van haar opa en oma ook helend. Na hun dood bleef ze deze herstelde kledij dragen en bleven ze toch nabij in hun afwezigheid.

(Bronwen Jones - eigen foto)


Veerkracht, vertrouwen, herstellen en herwerken: kunstenaars en kloosterlingen verkennen vergelijkbare paden en geven zo een diepere zielskleur aan het leven.


17 juli 2025

h3h - A Deeper Shade of Soul - 1 -

Nog tot en met 3 augustus kan je in het Noord-Brabantse Oosterhout op een bijzondere locatie een bijzondere tentoonstelling zien die een brug bouwt tussen hedendaagse beeldende kunsten en religie.
Op een steenworp van elkaar liggen drie abdijen in de zogenaamde heilige driehoek (h3h) : Onze Lieve Vrouwabdij bewoond door zusters benedictinessen, Sint-Catharinadal bewoond door zusters Norbertinessen en Sint-Paulusabdij gesticht door benedictijnen maar nu bewoond door de communauté du Chemin Neuf. Deze zomer voor de vierde keer wordt een biënnale, een tweejaarlijkse tentoonstelling georganiseerd op de terreinen van deze drie locaties. Na de beginnende edities rond geloof, hoop en liefde is het thema nu A Deeper Shade of Soul (een diepere zielskleur). De titel verwijst naar een popsong uit 1990 van de Utrechtse band Urban Dance Squad. Curator Nanda Janssen verzamelde twintig kunstenaar die elk op hun eigen wijze zochten om bezieling, kloosterleven en actualiteit te verkennen en te vervlechten.
Zo'n tentoonstelling biedt een verscheidenheid waarbij de ene bezoeker meer geraakt wordt door dit en de andere door dat. Hier en in volgende berichten enkele indrukken over deze veelkleurige expositie die zoekt naar een diepere zielskleur. 
De locatie ligt op 70 km. boven Antwerpen en op slechts 50 km. boven Turnhout. Een daguitstap vol uitnodigingen om nieuw te kijken en kleur te zoeken in ons leven.

(foto : Marc Deconinck)

De Onze Lieve Vrouweabdij is een slotklooster en de zusters stellen voor de h3h-biënnale hun tuin open. Kunstenares Jenna Kaës vroeg aan de zusters een passende tekst te kiezen om op de tijdelijke toegangspoort naar de kloostertuin aan te brengen. De zusters kozen een tekst van de middeleeuwse mystica Hadewych, nl. een gedicht waarvan de eerste regel nogal eens wordt geciteerd. Via dit gedicht nodigt de artieste (en met haar de zusters) wie de kloostertuin binnenstapt uit om zich bewust te worden van een grotere dimensie waarbinnen ons leven zich afspeelt. 

Een fragmentje uit het gedicht XXII van Hadewych:


Alle dinghe syn my te inghe       

 
(detail poort - eigen foto)
Alle dinghe
 
Syn mi te inghe!
 
Ic ben soe wyt!
 
 
 
Om een ongescepen
 
Hebbic begrepen
 
In ewigen tyt.
 
 
 
Ic hebt gevaen.
 
Het heeft mi ontdaen
 
Widere dan wyt!
 
 
 
Mi es te inghe
 
Al el!
 
Dat wetti wel
 
Ghi dies oec daer syt.


De componist-muzikant Cosmo Sheldrake nodigt tijdens de wandeling in de tuin ons uit naar de diepe oceanen. We horen een compositie van hem gebaseerd op de geluiden die bijvoorbeeld walvissen, bultruggen of orka's maken. Deze muziek vervlecht de zorg voor het klimaat en het bedreigde leven in de oceanen met de gedragen stilte van het benedictijnse leven. Ik zie ook een verband met de inzet die wijlen paus Franciscus bepleitte voor onze planeet  in o.a. zijn encycliek 'Laudate Si'. De compositie van Sheldrake is ook als het ware een hedendaagse muzikale variatie op de uitnodiging van Jezus tot zijn apostelen : 'vaar nu naar het diepe' (Lc 5,4). Vertrouw erop dat je zult leven dank zij de weidse zee. 



Tweemaal een wijdheid die aansluit bij het diepmenselijke verlangen naar onbegrensdheid. Twee maal een verklanking van een diepere zielskleur die verborgen zit onder de grijsheid van onze kleine willetjes.


 

27 juni 2025

Bijbelse marginalen : de dragers van de lamme man

 De verhalen in de Bijbel zijn bevolkt met honderden personages, waarvan er een aantal hoofdrolspelers zijn, te beginnen bij Adam en Eva, over Abraham, Jacob, Mozes enzovoort tot Jezus en Paulus in het Tweede Testament. Naast die hoofdrolspelers zijn er vaak anonieme figuren die echter even belangrijk zijn voor het Bijbelse verhaal.
Zo bijvoorbeeld de vier vrienden van een verlamde man die hun vriend tot bij Jezus brengen opdat Hij hem zou genezen. Bij Marcus (2, 1-12) en bij Lucas (5,17-26) lezen we dat de toeloop naar het huis waar Jezus was zo groot was, dat zij met hun draagbaar niet konden naderen. Dan maar enkele tegels gewipt uit het platte dak en hun vriend naar beneden laten glijden tot voor de voeten van Jezus.
De Noord-Ierse schrijver en Nobelprijswinnaar literatuur 1995 Seamus Heaney (1939-2013) schreef naar aanleiding van dit verhaal een vers dat de focus legt op de vier vrienden die de lamme hebben gedragen tot bij Jezus.
Als wij verlamd worden door angst of moedeloosheid (wat kunnen we in 's hemelsnaam doen tegen de kringloop van geweld in Gaza of Oekraïne of Soedan of tegen de dwaasheid en mensonterende potentaten die regeren in de VS of Rusland of Turkije of ...) , dan moeten we ook misschien gedragen worden door lichtende en moedige mensen die vanuit veerkracht en vertrouwen hun leven leven vrij van angst en tegen de wind durven staan.
Dan gebeuren er nog wonderen.

MIRAKEL

Niet degene die zijn bed oppakt en loopt
Maar diegenen die hem altijd hebben gekend
En hem binnendragen -

Hun schouders verstijfd, de pijn en de buiging diep gekluisterd
In hun rug, de handvatten van de draagbaar
Glibberig van het zweet. En niet ophouden

Tot hij vastgebonden is, kantelbaar gemaakt
En opgetild tot aan het pannendak, dan neergelaten voor de genezing.
Wees aandachtig voor hen die staan te wachten

Tot het branden van de gevierde touwen is gekoeld,
Tot hun ijlhoofdigheid en ongeloof
Voorbij is, voor diegenen die hem altijd hebben gekend.

(Heany, Seamus - in : De prangende verbeelding. Kopstukken van de naoorlogse Ierse poëzie. Gedichten gekozen en vertaald door Peter Flynn & Joris Iven. Leuven, uitg. P, 2013, blz. 72)

(houtsnijwerk Herman Falke scj
©Gerardus Magazine 2018-2)


27 februari 2025

Barmhartigheid in Antwerpen - 1 -

 Nog tot 31 augustus is er in het MAS (museum aan de stroom) in Antwerpen een mooie tentoonstelling onder de titel : Compassion. Over de vele gezichten van medeleven.
De aandacht gaat uit naar het altruïsme van de mensen, gebaseerd op biologische aspecten maar veelal geïnspireerd door filosofische of religieuze overtuigingen (islam, hindoeïsme, jainisme, christendom). Maar overal duiken vragen op hoe écht altruïstisch we wel of niet zijn (onze hemel verdienen, ons geweten sussen, onze handen zo weinig mogelijk vuil maken). 
In heel deze expo komen de zeven werken van barmhartigheid (of sedert paus Franciscus acht, met zorg voor het klimaat) op verschillende manieren aan bod via fotografie (Stephan Vanfleteren), via schilderkunst (Breughel of Géricault...), via beeldhouwkunst en installaties. De zeven werken van barmhartigheid vinden hun grond in de rede van Jezus zoals we die lezen bij Matteus hfst. 25, 31-46. De nadruk ligt erop dat we ons laten aanspreken door de nood van de anderen, niet dat we iets goeds doen in de hoop op een beloning...
(Stephan Vanfleteren : Burying the dead - eigen foto)


(inspirerende voorbeelden-
eigen foto)

Maar ook komt de vraag naar boven : zijn die werken geen brandjes blussen terwijl er iets fundamenteels structureels moet veranderen?
Aandacht voor activisme, hulporganisaties en mecenaat verbreedt onze blik. Acties als Broederlijk Delen of Welzijnszorg zien we via affiches, alsook o.a. Dom Helder Camara.
Belangrijk om ons medelevend in te zetten is vaak ook het zien van een goed voorbeeld (vb. pater Damiaan) of het geïnspireerd worden door een prikkelend verhaal (vb. de barmhartige Samaritaan) (cfr. Lucas evangelie 10, 25-35).



(De barmhartige Samaritaan 
 links schoolprent, rechts doek uit 17e eeuw
eigen foto)


21 februari 2025

Kerk St. Eustache in Parijs - 3 -

 Bij een bezoek aan de grote centrumkerk Saint Eustache in Parijs zag ik een rijke schat aan kunstwerken overal verspreid in de kerkruimte, kunstwerken afkomstig uit heel verscheidene periodes van de late middeleeuwen tot nu.
Na het 'kristallen' Christuscorpus van Pascal Convert, wil ik nu even stilstaan bij een ander modern kunstwerk van de Amerikaanse beeldende kunstenaar Keith Haring (1958-1990), de Triptiek van het leven van Christus.
(Tryptiek van het leven van Christus 
door Keith Haring - eigen foto)

De kunstenaar heeft in zijn korte leven zich uitdrukkelijk opgeworpen als activist voor de rechten van de AIDS-patiënten. Hijzelf is enkele weken na de voltooiing van deze triptiek gestorven aan deze ziekte. Deze triptiek is in brons gegoten en met wit bladgoud bedekt. Er bestaan negen exemplaren waaronder dus één in de St. Eustache in Parijs. 
Een vriend van Haring maakte een bekisting in de vorm van een iconentriptiek en vulde deze met klei. De terminaal zieke kunstenaar maakte in de klei met een mes te tekening, zonder bibberen en zonder correcties. 
Het middenpaneel toont bovenaan een kruis, een hart en dé typische gezichtsloze stralende baby van Haring gekoesterd in een paar armen. De 'radiant baby' was voor Haring een uitdrukking van onschuld, puurheid en goedheid, een teken van hoop. Het kruis verwijst naar het geloof en het hart naar de liefde... de drie grote deugden zoals o.a. Paulus die bezingt in de eerste brief aan de Korintiërs.  Onder de baby kunnen we in het midden een aantal grote druppels of vlammen zien... de vurige tongen van Pinksteren???
Het rechterluik toont bovenaan duidelijk een engel met in de middenstrook een springende of vliegende (???) figuur waarin we een verwijzing kunnen zien naar de verrijzenis. Het linkerluik toont onder de bovenste engel, die als het ware het spiegelbeeld is van die van het rechterluik, een duidelijk vallende engel. We kunnen hier denken aan de vele voorstellingen van het laatste oordeel waarbij aan de rechterhand van Christus de 'gezegenden' opstijgen naar de hemel terwijl aan zijn linkerhand de 'gedoemden' neervallen in de hel.
De benedenstrook vormt over de drie luiken heen één geheel van lichamen die heftig gebaren, vaak met een vuist in de lucht. Zijn deze vuisten een teken van onmacht en boosheid omwille van onrecht of strekken ze zich juist hoopvol uit naar een reddende aanwezigheid van boven? Zijn de tranen in het centrale gedeelte dan uitingen van verdriet en verbolgenheid die opstijgen naar de stralende, hoopgevende baby (het Christuskind???)?
(Radiant Baby - Keith Haring)


Het werk kreeg als titel : het leven van Christus. Maar ik moet toch ook denken aan Paulus' zogenaamde hooglied van de liefde (1 Kor. 13) dat zo eindigt (Naardense bijbelvertaling) :
"Toen ik een klein kind was, sprak ik als een kind, voelde ik als een kind, redeneerde ik als een kind ;
toen ik een man werd, heb ik afgelegd wat des kinds was.
Ja, nù kijken we met een spiegel in een raadsel,
maar dàn : van aangezicht tot aangezicht!!
Nù ken ik ten dele, 
dàn zal ik ten volle kennen,
zoals ik ten volle wordt gekend.
Zo blijft het dan : geloof, hoop, liefde -
deze drie, maar de grootste van deze is de liefde!"

Zoals je merkt, als je met aandacht en openheid van hart begint deze hedendaagse triptiek te beschouwen, wordt het een aanzet tot bezinning en gebed, tot een innerlijke confrontatie met ons eigen (on)geloof en onze hoop.