Posts tonen met het label iconen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label iconen. Alle posts tonen

27 mei 2025

Vaarwel, luie aarde

In een vorige post (21 mei)  kon je kennismaken 
met de Italiaanse dichteres Alda Merini (1931-2009) 
en haar bewogen gedichten 
uit haar Cantico del Vangeli (2006). 
Daarin laat ze evangeliefiguren aan het woord 
en mediteert zo bij bepaalde passages. 
(©Liesbeth's Iconen)
In een volgende wat langer vers laat Alda Merini 
de Verrezen Jezus aan het woord. 
Zelf denk ik daarbij ook 
aan de klassieke orthodoxe paasicoon, 
waarin Jezus uit het dodenrijk 
gestorvenen omhoogtrekt en 
de bergen daartoe als het ware opensplijt,
de zogenaamde Anastasis-icoon.
Dit gedicht van Merini laat zich lezen 
als een soort mystiek visioen.

JEZUS

Traag is de dood
als een meer vol dromen.
Maar God ziet verder dan de stenen,
hij ziet verder dan de graven.
Jarenlang schepsel van God
bleef ik opgesloten in de leem van het lichaam,
jarenlang ben ik steen geweest,
maar met zovele stemmen in mijn hart.
Ken ik soms de stenen van het universum niet?
Ik strek de hand uit en til heel de Calvarie op
in een kramp van licht.
Wie heeft mij vervolgd?
Waar zijn mijn vervolgers?
Waar is de moederlijke schoot?
En waar is het fiat van mijn moeder?
Een steen.
De Zoon van God heeft met de verrijzenis
het pad van de engelen geschapen.
Vaarwel,
vaarwel luie aarde,
de wortels van God steken in mijn gelaat:
ze zullen het uithollen
en het wordt lichtend.
Ik zal vluchten uit dit graf
zoals een engel dodelijk vertrappeld door de droom,
maar ik zal de grens vinden van mijn woord.
Vaarwel kruisiging,
met mij is er nooit iets gebeurd:
ik ben alleen maar een verrezen mens.

(uit: Merini, Alda, Canticum evangelicum. Vertaald door Patrick Lateur, uitg. P, Leuven, 2011, blz. 73)

30 december 2024

God wordt mens

 Kerstmis is een 'onmogelijk' feest. De christenen vieren dat God (de Almachtige, de Schepper van alles, de ultieme Rechter, het eerste Woord, de transcendentie zelve ... ) mens is geworden. Deze incarnatie gebeurde dan nog eens in een kind van 'simpele' ouders met een geboorte in een dierenschuilplaats, omdat er geen plaats was in de hotels van die tijd.

Op de orthodoxe iconen die dit feestverhaal weergeven is er altijd iets heel merkwaardigs. De pasgeborene wordt afgebeeld, gewikkeld in strakke banden zoals doden ingezwachteld worden, hij ligt niet in een wieg maar in een uitgehouwen graf en hij ligt voor de donkere ingang van een grot. Deze icoon maakt een brug tussen de twee grote christelijke feestdagen Kerstmis en Pasen. Met die 'knipogen' naar hoe de pasgeboren baby aan zijn einde zal komen, wordt Kerstmis duidelijk geen zeemzoet feest want overschaduwd door het kruis en de dood. 
Dat deze link niet zo ver gezocht is, vind ik terug in het laatste boek van Christophe Vekeman "Tot God" (uitg. De Arbeiderspers, 2024). 
Hierin vertelt Vekeman over zijn 'bekering' tot het christendom, om het maar eventjes kort door de bocht te zeggen. Hij neemt ons mee op zijn zoektocht om de belangrijkste christelijke gegevens te begrijpen, waaronder dus vooral het lijden, de dood en de verrijzenis van Jezus. Hij staat onder anderen lang stil bij de zeven door de evangelisten overgeleverde kruiswoorden, die zinnen die Christus uitsprak terwijl hij stervende was op het kruis. 
Bij het woord "Mijn God, mijn God, waarom hebt gij mij verlaten?" heeft Vekeman het over de menswording van Jezus, wat we juist met Kerstmis vieren!
We volgen even Vekeman : "Pas als Hij zijn vader vraagt waarom die Hem verlaten heeft, (...) pas dan wordt Hij volledig mens, dàn pas wordt Hij goed en wel, afschuwelijk als het mag klinken, een gevallene, dàn pas wordt Hij een geval, een geval net als wij allemaal, wij mensen, van de eerste tot de laatste. Dàn pas wordt Hij in het aanschijn van zijn dood een mens als jij en ik, een godvergeten en door God verlaten mens die lijdt, o, die lijdt als de beesten...(...) Jezus was geen mens als alle mensen, Hij wérd zo'n mens, aan het kruis dus. Toen pas, daar pas, pas dàn ervoer Hij het lijden dat menselijk is, dat eigen aan het mens-zijn is, dat eigen aan een leven is waarin niet God maar wel de zonde en de Satan een centrale positie bekleden. Juist omdat Hij door God verlaten werd, kwam zijn lijden totaal te zijn en belandde Hij echt in de hel, die de hel is van onze wereld, die de hel is waartoe elke mens veroordeeld is vanaf de dag van zijn conceptie." (blz. 154-155 passim).
Kerstmis wordt voltooid door het lijden en dood van Jezus.
Die getuigenis van Vekeman en van de orthodoxe iconen pakken we best mee om niet in de zeemzoete kerstmis-val te lopen en om ons echt te laten doordringen van dat unieke geschenk van God, zijn mensgeworden Zoon, zijn vleesgeworden woord.

25 december 2024

Geboorte van Jezus

 Bij dit feest van de Menswording
een vers van de bekende Duitstalige dichter
Rainer Maria Rilke (1875-1926) uit zijn bundel "Het leven van Maria",  in een vertaling van Piet Thomas (Uitgeverij P, Leuven, 2019, blz. 10)

GEBOORTE VAN CHRISTUS

Was er jouw eenvoud niet, hoe kon jou
dan gebeuren wat nu de nacht verlicht?
Zie, God hield volken toornend in zijn ban,
Nu wordt Hij mild, nu jij hem baart: een wicht.

Verscheen hij groter in je droomgedicht?

Wat is dat, grootheid? Dwars door alle maten
loopt de rechte weg die 't lot hem bood.
Zelfs voor een ster is zo geen baan gelaten
Want, zie je, deze koningen zijn groot.

Ze slepen schatten aan tot voor jouw schoot.

Schatten die zij voor de mooiste houden.
Dat jij die krijgen zou, had jij dat ooit gedacht?
Maar zie toch hoe hij in de vouwen van jouw doek
ligt en nu al alles overtreft in kracht.

En al die amber die van ver is aangebracht,

en al het goud. Ook kruiden zijn er, pure,
bedwelmend strelend in hun wazigheid:
maar dit zijn dingen die niet blijven duren,
tenslotte wachten ons berouw en spijt.

Maar hij (dat merk je nog wel): hij verblijdt.

(maria-icoon in Russisch Orthodoxe kathedraal van Parijs
eigen foto april 2017)


21 december 2024

Proef en geniet ... : toeleven naar Kerstmis - 5 -

 De in Wisconsin (VSA-1946) geboren dichter en sinoloog Lloyd Haft publiceerde in 2003 een dichtbundel  "De psalmen" waarbij hij elke psalm wel op een eigen en vrije manier bewerkte.
De psalm 34 levert een intieme en broze herwerking op waarbij het menselijke onvermogen en de altijd latente angst mogen meeklinken. 
Voor mij klinkt Haft hier als een hedendaagse 'anawim'.
Een gebed voor deze dagen naar Kerstmis toe.

NAAR PSALM 34

Ik wil u altijd loven,
altijd vieren,
altijd in mijn ziel uw feest.
Maar hoe uw eens verhoogde naam
hoog houden?
Hoe altijd?
Groot is mijn onvermogen u te zien:
groot als de vrees waarin mijn lichaam staat.
Legert u zich
bij wie u vrezen, in hun vrees?
Is vrezen vieren dat ik nog niet ken?
loven dat ik nog niet kan?

(uit: De Psalmen in de bewerking van Lloyd Haft, uitg. Querido, Amsterdam, 2003, blz.38)

Ook een ander gedicht vind ik passen in deze donkerste dagen die Kerstmis voorafgaan. Het zijn enkele strofen uit het tweede 'gezang' waarmee Christophe Vekeman zijn boek "Tot God" over het begin van zijn ontdekkingstocht in het christelijke-katholieke geloof opent.

II.

Nu zoeken wij zijn aangezicht nog
Nu tasten wij in het licht
Nu zien wij nog door een spiegel
Met ogen zo blind en zo dicht.

(...)

Nu is de tijd nog niet daar
Het is nog niet waar wat ze zeiden
We zijn zelfs lang nog niet klaar
Om ons straks, ooit voor te bereiden

(uit: Vekeman, Christophe, Tot God, Uitg. De Arbeiderspers, Amsterdam, 2024, blz. 15)

We zijn (lang) nog niet klaar om ons voor te bereiden op de ontmoeting met Jezus, maar we mogen erop vertrouwen dat hij bij zijn komst ons zal verwelkomen zoals we zijn, blinde tastende zoekers.
(Zwangere Maagd Maria - icoon door Teopa)


16 januari 2023

In de nadagen van het Kerstgebeuren

 Met het feest van de Openbaring (Driekoningen) en het Doopsel van Jezus is de kerkelijke kerstperiode afgesloten. Maar toch, straks op 2 februari, wordt Lichtmis gevierd waarbij we het verhaal beluisteren uit het Lucasevangelie over de afsluiting van de onreinheidsperiode van Maria en het toewijden van de eerstgeborene aan JHWH, 40 dagen na de geboorte (Lc. 2, 22-40). 
Daarom kan het nog wel, vind ik, om nog even bij het kerstverhaal stil te staan via het beschouwen van een kersticoon.


Laten we nu even vooral kijken naar de baby Jezus, hoe hij ligt in een stenen bak helemaal ingebakerd in witte doeken. Hiermee wijst de iconenschilder bewust naar het einde van het Jezus-verhaal, wanneer Hij na zijn dood wordt neergelegd in een graf, uitgehouwen in een rots en omzwachteld wordt in doeken (Lc. 23, 53). 
Geboorte en dood zo innig verbonden...op de kersticoon visueel uitgebeeld, in een gedicht van Rodaan Al Galidi poëtisch verwoord.

VOOR EEUWIG VERBONDEN

De dood en het leven
gaan naar dezelfde school,
zitten bij elkaar in de klas,
luisteren naar dezelfde meester.
Bij een vraag steken ze beiden hun vinger op
en geven samen hetzelfde antwoord.
In de pauze spelen ze samen op hetzelfde plein,
vallen uit dezelfde tak,
kloppen hetzelfde zand uit hun schoenen
en na de laatste les,
gaat het leven naar de dood
en de dood naar het leven.
(uit: Samen al 't hope,Poëziegeschenk 2021, uitg. Poëziecentrum, Gent, blz. 11)

10 februari 2022

Raam met uitzicht - 3 -

 In de twee vorige berichten op deze blog verkende ik een vers van de dichter Jos Stroobants uit het gedicht Perspectief uit de bloemlezing "Tijd opent zich als nieuwe wijn" (uitgeverij P, Leuven, 2021, blz. 155). 
De beelden en het inzicht dat ik meen te ontdekken daarin maken bij mij verbanden wakker met bijbelse verhalen. En is de Bijbel niet  bij uitstek een boekenreeks die beelden aanreikt om de tijd telkens weer bewoonbaar te maken. Wetenschap biedt inzicht in onze wereld en onze levens, maar inzichten alleen maken onze tijd nog niet bewoonbaar. Verhalen reiken zuurstof aan, zeker de Bijbelse verhalen via de rijke variatie aan beelden.  Openheid versus geslotenheid, bescherming versus onbeschermd leven en altijd weer vernieuwen...
Het eerste beeld dat de dichter ons aanreikt als poging om de tijd bewoonbaar te maken is dat van een mantel.
In de Bijbel zien we twee verschillende manieren waarop een mantel ter sprake wordt gebracht. De mantel als elementaire bescherming van  onze naaktheid en de mantel als sociaal symbool en teken. Ik neem hier telkens de vertaling van de Naardense Bijbel.
De mantel staat voor de kleding van de mens die zich zo probeert te beschermen tegen de natuurelementen. Volgens Genesis 3,21 maakt God zelf voor de eerste mensen "mantels van huid en kleedt hen aan" net voor hij hen verdrijft uit de hof van Eden.
(De dronkenschap van Noach
Bernardino Luini ca. 1510-151
Brera collectie Milaan)

 In Genesis 9 wordt verteld over de zondvloed en hoe daarna Noach een wijngaard aanplant, zich dronken drinkt en naakt in zijn tent zijn roes uitslaapt. Zijn zonen Sem en Jafet dekken hun vaders naaktheid toe met een mantel, terwijl hun broer Chaam alleen maar vaststelt en niets doet om zijn vaders naaktheid te bedekken. In het boek Exodus worden tijdens de woestijntocht regels opgemaakt voor het sociale leven van het Joodse volk.  Bij het lenen van zilvergeld aan een arme lezen we dan : "Als je als pand de mantel van je naaste te pand neemt : voor de thuiskomst van de zon zul je die naar hem laten terugkeren; want dàt is zijn bedekking, dàt alleen; dàt is zijn mantel voor zijn huid; waarin zal hij anders slapen? " (Ex. 22,25-26; zie ook Dt. 24,12-13). Later in de teksten van Deuteronomium komt een oproep om zich te bekeren tot een godwelgevallig leven. Volg Gods voorbeeld, zegt de schrijver : Hij is "een dader van recht aan wees en weduwe; een die een zwerver-te-gast liefheeft en hem brood en een mantel geeft" (Dt. 10,18). 
Maar in verschillende Bijbelse verhalen wordt de mantel ook tot een teken en symbool waarmee de drager zich onderscheidt van anderen.  Meestal is de mantel een teken van uitverkiezing voor een taak. Aartsvader Jacob/Israël verwekte bij meerdere vrouwen in het totaal 12 zonen maar hij "heeft Jozef liefgehad boven al zijn zonen, omdat hij de zoon van zijn grijsheid is; hij heeft voor hem gemaakt een veelkleurige mantel." (Genesis 37,3). Jacob wist het niet, maar zijn lievelingszoon zal inderdaad blijken verkoren te zijn voor de redding van zijn familie. In de organisatie van het Joodse leven zal een speciale mantel het zichtbare teken zijn van de bijzondere uitverkiezing van de hogepriesters bij de eredienst : in Exodus 28 worden de gewaden van de hogepriester beschreven met o.a. een versierde mantel.
(icoon : hemelvaart van Elia en
Elisa ontvangt profetenmantel
©Art Eindhoven)


Maar ook de profeten onderscheiden zich soms met een mantel. Elia bedekte zich met zijn mantel tijdens de Godsopenbaring voor een grot in de woestijn. "Na de aardbeving een vuur maar niet in het vuur is de Ene; na het vuur de stem van een zachte stilte. Het geschiedt als Elia dat hoort dat hij zijn aanschijn omhult met zijn luisterrijke mantel." ( 1 Koningen 19,12-13).  Na die ontmoeting gaat Elia terug naar de bewoonde wereld en hij zoekt Elisja, de zoon van Sjafat, die uitverkoren wordt tot opvolger van Elia. "Elia steekt naar hem over en werpt zijn luisterrijke mantel over hem heen". (1 Kon. 19,19). Wanneer Elia later op spectaculaire wijze naar de hemel gevoerd wordt, neemt Elisa als leerling de mantel over van Elia. Zo wordt hij de nieuwe profeet voor het volk. "En het geschiedt: terwijl zij voortgaan, gaande en sprekend, ziedaar een wagen van vuur en die maken scheiding tussen hen tweeën ; in de storm klimt Elia op ten hemel. (...) Hij heft de mantel van Elia op die van hem afgevallen is. " (2 Koningen 2,11 en 13).Ook bij latere profeten krijgt een mantel een eigen rol, meestal een mantel gemaakt uit dierenhuiden. Zo wil de profeet een teken zijn waarmee hij de onrechtmatig verkregen rijkdom aanklaagt. Dat blijkt uit een toespraak van de profeet Zacharia waarin hij een beeld oproept dat de gezondene van God zal opkomen voor ware gerechtigheid en tegen valse profeten : "Geschieden zal het te dien dage: ze zullen zich schamen, die profeten, ieder voor zijn visioen, om dat profeteren van hem; en nooit meer zullen ze voor hun huichelarij zich kleden in een harige mantel!"(Zacharia 13,4) 
Als Johannes de Doper dan optreedt, kleedt hij zich als een profeet : "Hij, Johannes, heeft zijn kleed gehad uit kameelharen, met een gordel van huid om zijn lende." (Matteüs 3, 4)
De mantel als bescherming, als veiligheid maar ook de mantel als teken van de profeet die waarschuwt tegen valse veiligheid. 
En als de tijd nu eens bewoonbaar was -
een mantel veiligheid, een open raam,
(Jos Stroobants, Tijd opent zich als nieuwe wijn, blz. 155)
Over het tweede element waarmee de tijd bewoonbaar kan worden gemaakt, een open raam, zal ik hier niet uitbreiden. Ik verwijs naar andere berichten op deze blog onder het label 'open raam'.
In een volgende bericht ga ik verder met de volgende lijnen van het gedicht van Stroobants.

19 januari 2022

Jawlensky in Roubaix - 2 -

 De bijzondere schilder Alexej von Jawlensky heeft een bij wijlen heel verstoord leven gehad. Maar wat er ook gebeurde, hij zocht zijn weg dank zij de schilderkunst en zijn geloof. Hij schilderde vanaf 1916 tijdens zijn ballingschap omwille van Wereldoorlog I in Zwitserland een aantal reeksen waaronder een met als overkoepelende titel : meditatie. Deze serie meditaties zijn allemaal uitgepuurde gezichten. 

(Jawlensky : Meditatie
1935 - eigen foto)

Vooral als hij omwille van zijn artritis nog moeilijk kan schilderen, worden zijn werken als maar eenvoudiger. Op kleine formaten (vaak 18 x 13 cm) geeft hij met enkele zwarte of donkere lijnen voorhoofd en neus weer. Met meer bewerkte kleuren vult hij dan het gezicht verder op, met heel zichtbaar de verfstrepen. Deze meditaties zijn een samensmelting van portret, kruis en icoon. Het heilige krijgt bij hem een menselijke toets, zo anders dan de klassieke iconen. Zo slaat hij inderdaad een brug tussen Oost en West, tussen christendom en humanisme, tussen figuratieve en abstracte kunst.
(Jawlensky - Grote Meditatie
Harmonie in Rood 1937 
-eigen foto- )




Zijn meditaties bekijken is binnenstappen in dat tussenrijk van ziel en lichaam, vlees en geest. Het is oog in oog staan met wat incarnatie betekent: God is mens geworden om de mens zijn goddelijkheid te laten ontdekken.
Nog tot 6 februari in La Piscine in Roubaix (Noord-Frankrijk).

28 november 2021

Iconen - Icons -vroeger en nu - 9 (slot)

 Met de hedendaagse 'iconen' van Wim Delvoye (zie vorige post) kom ik als besluit van deze reeks over de tentoonstelling in de Villa Empain tot een laatste vraag. Wat is de plaats en betekenis van het beeld, van de afbeelding, van de icoon in onze samenleving en in het geloofsleven van een christen in de 21e eeuw?
Verwacht hier geen antwoord want daarover zijn er in de loop der eeuwen tot op vandaag al hele bibliotheken vol geschreven.
De inleiding van de catalogus door de curator van de tentoonstelling, Henri Loyrette, schetst een mooi en genuanceerd beeld over deze vragen. Hij benadrukt dat dit een immer durend debat is met zijn hoogtij en zijn laagtij. In deze maak ik onmiddellijk de associatie met een andere steeds terugkerende discussie, nl. welke 'naam' geef je aan 'God'. Elke naam roept immers onmiddellijk een 'beeld' op. Als we spreken over God de Vader of over de Barmhartige of over de Rechter of over de Wijze... worden hierbij beelden wakker gemaakt in onze geest. In 2015 verscheen bij het Davidsfonds een boeiend interviewboek waarin professor Roger Burggraeve probeert de ziel van ons mens-zijn te doorgronden vanuit Bijbelse verhalen : "Hoog tijd voor een andere God". In het laatste hoofdstuk (blz. 182-201) toont Burggraeve de unieke plaats van Jezus, de mens die in wie Gods liefde vlees en bloed is geworden. Johannes Paulus II zou ergens deze gedachte over het christendom hebben geformuleerd: "God zou niet enkel mens geworden zijn in Christus , maar door Christus in alle mensen" (ibidem blz. 192). Die menswording vieren we straks opnieuw met Kerstmis waar wij naartoe leven tijdens de advent die vandaag begint. 
(eigen foto - icoon "Ween niet om mij, o Moeder" 1896)


Iconen kunnen dan iets tonen van de "in-wezigheid van Gods transcendentie" (ibidem blz. 193). En de 'wereldse' iconen van Delvoye en anderen kunnen ons dan bij onszelf terugbrengen en ons uitdagen om te zoeken naar de 'in-wezigheid van God' in wat bij een eerste aanblik blasfemisch lijkt. Ook al is het een frustratie of een ontgoocheling of kwaadheid,  ook via deze emoties mogen we een weg zoeken naar Gods inwezigheid in onszelf en in de mensen en leefomstandigheden die we zien en beleven.  

 

23 november 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu - 8

 Onlangs liep in de Brusselse Villa Empain een tentoonstelling ten einde over icoonkunst en haar invloed en doorwerking in de hedendaagse kunst.
Klassieke orthodoxe iconen werden getoond en hoe de beeldtaal, de vormelijke vocabulaire en het gebruik ervan nog hun stempel drukken op kunstenaars van onze tijd. In deze voorlaatste post over deze expo sta ik stil bij enkele werken van de Belgische kunstenaar Wim Delvoye.
Deze eigengereide kunstenaar, die niet om een provocatie verlegen zit, toont een ouder werk (1990), nl. een glazen voetbaldoel met in een neogotische nis de figuur van de martelaar Sint Stefaan en enkele recentere werken, die hij in 2014 tevergeefs aanbood voor een tentoonstelling in Moscou.
(eigen foto - Wim Delvoye : St.Stephanus - 1990)


Stefanus, de proto-martelaar (de allereerste christen die gedood werd omwille van zijn geloof in Jezus) en als dusdanig als heilige vereerd in alle christelijke kerken [zie Handelingen 7, 59-60], werd gestenigd maar verschijnt bij Delvoye in een glazen voetbaldoel. De breekbaarheid van het glas-in-lood en de eenzame wachtende diaken enerzijds en de associatie met de semi-religieuze  aanbidding van voetbalidolen anderzijds zorgen voor een zekere geladenheid bij de toeschouwer. Een beeld dat tot nadenken stemt, een beeld met meerdere lagen.
(eigen foto - Wim Delvoye : Untiteld (Icon)


In 2014 maakte Delvoye een reeks werken met als titel  Untitled (Icon) (2014). Deze serie toont stills uit een muziekvideo die in 2014 heel veel succes had op internet. Die stills bekleedde Delvoye met een oklad in aluminium. Een oklad is een metalen bekleding die een icoon beschermt. De uitgespaarde ruimte toont normaal dan het gezicht van de figuur op de icoon, maar dus bij Delvoye is het een hedendaagse vrouwelijke popidool/popicoon. De hedendaagse varianten van Delvoye kan je betitelen als een pastiche/parodie op de klassieke religieuze icoon. De curator van de expo in Moscou noemde deze werken godslasterlijk en weigerde ze in zijn tentoonstelling op te nemen. In de tentoonstellingscatalogus van de Villa Empain zegt Wim Delvoye aan curator Henri Loyrette hierover :
" Ik begrijp nog altijd niet waarom het zo'n godslastering was. Er was inderdaad een knipoog naar de iconen, maar ik had er noch de beelden, noch de iconografie van gebruikt.  (...) Gewoonlijk hebben iconen een religieuze betekenis. Zij stellen religieuze onderwerpen voor zoals bijvoorbeeld de Heilige Maagd. Maar dat was hier niet het geval. Voor een keer was mijn werk niet ironisch bedoeld. Ik wilde gewoon een nieuwe techniek toepassen op een beeld." (catalogus, blz. 30-31 passim).

Tegen de achtergrond van andere 'schandaalwerken' van Delvoye (vb. het getatoeëerde varken) vind ik zijn uitleg wat slapjes en goedkoop. Wel blijft de opmerking die de curator maakte bij de uitspraken van Delvoye overeind : "De blasfemie, als ik het zo mag noemen - ook al is het misschien eerder onbegrip- ligt niet in het werk zelf, maar in de manier waarop men ernaar kijkt." (ibidem, blz. 31). Wat mij doet denken aan de passage in het Marcusevangelie waar Jezus zegt: "Beseft gij dan niet dat al wat van buiten af in de mens komt hem niet kan bezoedelen. (...)Maar wat uit de mens komt, dat bezoedelt de mens. Want uit het binnenste, uit het hart van de mensen, komen boze gedachten, ontucht, diefstal, moord..." (Mc. 7, 18-22). Ook al gaat het in deze eerst en vooral over de voedselwetten, toch is de draagwijdte van de uitspraak groter.

Zoals het woord 'icoon' of 'iconisch' overal opduikt als het gaat over sport- of film-  of andere publieke figuren, zo toonde de expo in de Villa Empain ook hoe de verbeelding van de iconen overal opduikt in de beeldende kunsten, ook in de 21ste eeuw.


17 november 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu - 7

 Naar aanleiding van de tentoonstelling "Icons" zopas afgelopen in de Brusselse villa Empain, wil ik deze video delen over hoe iconen worden geschilderd. Op de achtergrond horen we klassieke orthodoxe gezangen.


4 november 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu - 6 -

 In een vorig bericht over de tentoonstelling "ICONS" in Brussel (Villa Empain) (nog tot 14 november) toonde ik vooral enkele moderne schilders die dicht aanleunden bij de klassieke orthodoxe iconenschilderkunst. Hier wil ik enkele bijzondere werken tonen die het evangelieverhaal naar onze actualiteit brengen.
Eerst is er de Franse kunstenaar Jean Fautrier (1898-1964) met een werk uit 1945, net bij het einde van Wereldoorlog II die de donkerste kantjes van een mens toonde : racisme, concentratiekampen, massamoorden, fascisme en nazisme. Fautrier werd sterk gegrepen door het menselijke leed dat mensen elkaar aandeden in die grauwe periode. Hij wilde uitdrukking geven aan het lijden en gewoon schilderen was hem te zwak om de ondergane gruwel weer te geven. Hij maakte doeken die ook in hun materialiteit moeten gestalte geven aan het lijden. Dikke lagen verf en lijm met rode of oker pigmentlagen worden bewerkt tot 'levend vlees'. Het geëxposeerde  "Tête d'otage" (hoofd van een gijzelaar) is zo'n indringend werk. Voor mij een icoon van de lijdende Christus.
(Jean Fautrier : Tête d'otage 1945
eigen foto)
Van een heel andere beeldende orde is de installatie "Window Washer" (ruitenwasser) van de Amerikaanse kunstenaar Duane Hanson (1925-1996)  het is een levensgrote hyperrealistische sculptuur van een Afro-Amerikaan die ruiten wast. Hanson toont de keerzijde van de consumptiemaatschappij en de 'American Way of Life'. De luxe en glamour is maar mogelijk door het vele slecht betaalde werk van mensen zoals deze ramenpoetser. Deze soort sculpturen worden ook wel genoemd de nieuwe iconen van onze moderniteit. De artiest zei zelf over zijn werken: "Mijn werk gaat over mensen die in stille wanhoop leven. Ik toon ontzetting, vermoeidheid, veroudering en frustratie."  Het  kwetsbare gelaat van onze tijd dat we liefst niet willen zien, want té verontrustend. Het hedendaagse gelaat van Jezus.
(Duane Hanson : Window Washer 1984
eigen foto)



20 oktober 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu -5-

 Nog tot 14 november is de boeiende tentoonstelling "ICONS" te bezoeken in de Brusselse Villa Empain. In de moderne en hedendaagse verbeelding van de Christus figuur staat de symbolistisch-fauvistische Franse schilder Georges Rouault (1871-1958) dicht bij de orthodoxe iconenschilders. Zo mocht hij ook niet op deze expo ontbreken met een van zijn Saintes Faces. Het heilige gezicht kijkt ons frontaal aan en je kan als toeschouwer zijn grote ogen moeilijk ontwijken. Geen gemoraliseer, geen informatieve of didactische scene, neen: het gelaat van de Andere. Zoals de filosoof Levinas zou zeggen: als we écht ons laten raken door de kwetsbaarheid van het gelaat van de ander zien we daarin een appèl aan onze eigen menselijkheid.
(Rouault : Saint Face
eigen foto)


Een andere diep gelovige schilder, de Vlaamse expressionist Gustave Van de Woestyne (1881-1947), sluit met een aantal symbolistisch geïnspireerde werken ook dicht aan bij de klassieke iconenkunst uit het Oosten. Hij is op de expo vertegenwoordigd met een werk uit 1927 "Jésus adolescent". Een jonge man met een beginnend baardje en een wollig snorretje kijkt ons dromerig aan. Zijn blik heeft niet de kracht van een volwassen man die zijn weg heeft gevonden, het is nog echt een adolescent. 
(Van de Woestyne : Jésus adolescent 1927
eigen foto)

Ik ben er even tussenuit.
Je zal een volgend bericht op deze blog
kunnen lezen op 4 november a.s.
Tot binnenkort!

16 oktober 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu - 4 -

 We blijven nog rondkijken in de Villa Empain naar de expo "Icons". 
We zien er o.a. werken van de Franse kunstenaar met Armeense roots Sarkis (°1938). Naast een aantal conceptuele 'iconen' wordt ook een kruisiging getoond als soort retabel met zes afbeeldingen. De kleuren strijden tussen licht en grauw-grijs. 
(Sarkis : 81 - Retable 6 images  ; 2017
eigen foto)


Deze gekruisigde deed mij spontaan denken aan de Christus op het centrale paneel van het beroemde Isenheimer Altaarstuk van Matthias Grünewald, vooral dan de kromtrekkende handen die de pijn en kramp bij de toeschouwer doen voelen tot in de ingewanden. Een 'iconisch' beeld in een meer hedendaagse verbeelding.

(Grünewald : Kruisiging detail
©wikiwand)








Een heel ander soort kruisiging toont ons Arnulf Rainer (°1929), een Oostenrijkse autodidact die vooral een impulsieve kracht wil leggen in zijn werken en voor wie schilderen een 'happening" is. Zijn werk "Untitled" (ongetiteld) is een kruisvormig doek waar je volop de krachtige streken van zijn grote (verf)borstels ziet en die een  chaos uitstralen. Dood en lijden zijn vaak een heel chaotisch en donker gebeuren voor de betrokkenen en directe omgeving. De hemel wordt donker, er is geen perspectief en uitzicht, geen groter plaatje waarin je leeft als lijdende mens. 
(Arnulf Rainer : Untitled 1992
eigen foto)


Die pakkende ervaring, door Grünewald en Sarkis iconisch weergegeven doorheen één exemplarische figuur, is bij Rainer een anonieme chaos waarin elke vorm van menselijkheid weggevaagd wordt. Zo'n naamloze vernietiging van menselijk leven zoals we die zien bij oorlogen, terreuraanslagen, hongersnoden, klimaatrampen en epidemieën. 

10 oktober 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu - 3 -

 Zoals in vorige berichten wil ik verder op verkenning in de tentoonstelling die nog loopt in de Brusselse Villa Empain : ICONS.
(Andrea Solario - ©kunstkopie.nl)
Ik was bijzonder getroffen door een werk van de Amerikaanse artiest Titus Kaphar. Deze jonge Afro-Amerikaan (°1976) herbekijkt de traditionele kunstgeschiedenis en probeert de tijdloze waarde van de geschiedenis te tonen. Hij toont ons in de Villa Empain een soort 'Ecce Homo'-scene. Jezus bekleedt met een mantel, een doornenkroon en een rietstengel in de hand, tentoongesteld aan de spottende soldaten in het paleis van Pilatus. 
We kunnen hierbij lezen in het evangelieverhaal van Mattheus :"Ze kleden hem uit en leggen hem een scharlaken mantel om; ze vlechten van doorntakken een kroon en zetten die op zijn hoofd, met een rietstaf in zijn rechterhand" (MT. 27, 28-29). 

In de kunstgeschiedenis is deze scene meermaals getekend, geschilderd en gebeeldhouwd. Zo bijvoorbeeld ook de Milanese Renaissance schilder en leerling van Leonardo da Vinci, Andrea de Solario (1460-1524) en zijn 'Ecce Homo' (afbeelding zie hierbij). 
Titus Kaphar nu schildert ook een Christusfiguur, met paarse mantel, rietstok en doornenkroon, maar hij bedekt de figuur zelf met een zwarte korrelige ondoorzichtige laag teer. De artiest geeft zijn werk de titel Created in his Likeness (geschapen naar zijn beeld) (cfr. Genesis hoofdstuk 1, vers 27).
Hierover lees ik in de catalogus : "Hoe zou God eruit zien die 'de mens naar zijn evenbeeld schiep'? Wat zouden zijn gelaatstrekken zijn in de verbeelding van een Afrikaan, een westerling of een oosterling?"
(eigen foto : Titus Kaphar : Created in his Likeness)


Het brengt mij bij de evangeliepassage waar Jezus in zijn lering over het Laatste Oordeel zegt dat hij de schapen van de bokken zal scheiden. De schapen mogen het Rijk binnengaan omdat ze barmhartig waren tegenover anderen. Zij hadden zich evenwel afgevraagd: waar hebben we U hongerig, dorstig, naakt, ziek enz. gezien? En dan zegt Jezus: wat je doet aan de minsten der mensen heb je aan mij gedaan. (Mattheus 25)
Geen goud, geen glitter op dit schilderij, maar toch een heel christelijke icoon.

6 oktober 2021

Iconen - Icons - vroeger en nu - 2 -

 In een vorige bericht introduceerde ik de tentoonstelling "Icons" in de Brusselse Villa Empain (nog tot half november). 
In de vroegere schermkamer hangen de meeste traditionele iconen samen, geflankeerd door het werk van de hedendaagse kunstenaar Fabrice Samyn.
Een aantal fraaie iconen uit de 16e en de 19 eeuw worden in deze verduisterde kamer getoond, mooi belicht zodat de gouden tinten helemaal tot hun recht komen. Het geheel ademt iets sacraals, tegelijk heel rijk én heel menselijk. 
Door de doordachte opstelling ontstaat in deze schermkamer een mooie dialoog tussen een deësis (ca. 1800-1835), drie titelloze werken van Samyn uit een reeks met titel "Feu l' icône en feu"(2016) en de icoon "De brandende struik" (ca. 1600).
De Deësis is een belangrijke compositie die in de Orthodoxe kerken meestal een centrale plaats inneemt op de iconostase wand die het priestergedeelte scheidt van de ruimte voor de gewone gelovigen. De Deësis bestaat uit drie figuren, centraal de Christus als goddelijke leraar geflankeerd door de Moeder Gods en Johannes de Doper.
(eigen foto)


De reeks "Feu l'icône en feu" of in het Engels vertaald als "Burning is Shining" bestaat uit panelen hout (32,5 x 25,5 cm) die verbrand werden en dan met bladgoud bekleed. Het bladgoud is als een knipoog naar de gouden achtergrond van iconen en het door brand geblakerde hout doet natuurlijk denken aan de Godsverschijning aan Mozes. In de Naardense bijbelvertaling lezen we het zo:
"Dan laat zich aan hem[Mozes] zien : de engel van de Ene in een vuurvlam uit het midden van de Sinaïdoorn; hij ziet het aan : ziedaar, de Sinaïdoorn gloeit in het vuur en de Sinaïdoorn wordt niet verteerd!" (boek Exodus hfst.3,2)
(eigen foto)


De icoon "De brandende struik" verwijst natuurlijk ook naar deze Godsopenbaring, maar ze verbindt daarin een orthodoxe allegorische uitleg van deze tekst. Het brandende braambos is zo de voorafbeelding van de incarnatie van God in Christus, waarbij Maria in haar maagdelijkheid wordt vereenzelvigd met de brandende maar niet verteerde woestijnstruik. De icoon werd omstreeks 1600 geschilderd.
(eigen foto)




2 oktober 2021

Iconen - Icons -vroeger en nu -1-

 Heel graag bezoek ik tentoonstellingen in de Brusselse Villa Empain. Er is niet alleen de omgeving van dit Art Decobouwwerk maar telkens opnieuw brengt de Boghossian Foundation een doordachte thematentoonstelling waar plaats wordt gemaakt voor artiesten en verhalen uit Oost en West en uit het Midden-Oosten. Zo ontdek je altijd weer nieuwe artiesten en nieuwe gezichtspunten. 
Nog tot  midden november is er nu een expositie met als titel : "ICONS". 
De titel en de affiche van de tentoonstelling geven al aan wat je mag verwachten. Van de eeuwenoude religieuze traditie tot nu heeft het begrip 'icoon' heel wat betekenissen gehad. In onze tijd is een icoon iemand die een gemeenschap, beweging of mode belichaamt. 
Die waaier aan betekenissen worden mooie verbeeld doorheen deze expositie. 
Het affichebeeld is een foto van de Franse zangeres en actrice Lio die verbeeld wordt als een Onze Lieve Vrouw van Smarten door het kunstenaarsduo Pierre et Gilles. Dit beeld, typisch voor deze Franse artiesten, is tevens 'iconisch' voor deze tentoonstelling. Er is plaats voor de oude religieuze context én voor de hedendaagse 'nieuwe' iconen.


Woorden en hun betekenissen verschuiven door de tijd heen, maar iconen blijven altijd verwijzen naar het beeld van iemand exemplarisch, iemand 'voor-beeldig' in/voor zijn of haar tijd. Door hedendaagse beroemdheden als icoon voor te stellen wordt hun semi-religieuze status geaccentueerd en tegelijk soms bekritiseerd of minstens bevraagd. Die boeiende gang door de tijd en wat tot voorbeelden wordt getoond maakt het bezoek van deze tentoonstelling zeker de moeite waard.

15 augustus 2021

15 augustus Maria Ten Hemel Opgenomen

 

(©Abdij Koningsoord)

De Oostenrijkse componis Heinrich Ignaz Franz Biber (1644-1704) schreef sonates bij de vijftien 'mysteries' van de rozenkrans. Hierbij de sonate bij het 'mysterie' van de ten hemelopneming van Maria.





5 augustus 2021

6 augustus : feest van de gedaanteverandering van de Heer

 Broeder Roger Schutz-stichter van de oecumenische gemeenschap van Taizé - sprak in augustus 1975 deze bezinning uit naar aanleiding van het feest van de Transfiguratie van de Heer. Het verhaal van de gedaanteverandering van Jezus lezen we bij Marcus (9,2-8) en de parallelplaatsen bij Lucas (9,28-36) en Mattheüs (17,1-8).

"De transfiguratie of gedaanteverandering gebeurt eigenlijk aan ons. Naarmate alles in onszelf verandert, herwinnen de dingen hun echte betekenis. Onze transfiguratie begint aan de wonden en kwetsuren die wij oplopen in het leven. Dààr waar iets ons tegengaat, ons pijn doet of bedroeft, waar het moralisme ons geweten soms beknelt, kan de transfiguratie beginnen. Ons geweten moet een motor zijn, een dynamische kracht, maar dikwijls is het geheel verstard geraakt. 
(©Pemptousia
Transfiguratie icoon)
Onze verwondingen hebben een enorme waarde. Wel zouden ze kunnen aanleiding geven tot opstandigheid of agressie. Vooral voor vereenzaamde mensen kunnen wonden een kwelling worden die zich keert tegen de medemens in agressiviteit of afgunst. Maar, er kan een roep uitgaan van die wonden. Het kan gebeuren dat die wonden een plaats worden van creatieve energie, van vriendschap en communio, van diep begrip voor elke menselijke situatie.
In plaats van ons te zeer te beklagen over de wonden in ons leven, over alles wat de mens verdrukt of omverhaalt, zouden we moeten weten en geloven dat Christus door die poort binnenkomt in ons en in heel het volk van God. We zouden kunnen bidden met de Spaanse dichter Miguel X: open in mij de poort van de wonde waarlangs de transfiguratie van mijn wezen kan gebeuren."


12 december 2020

Wees blij, wees blij (3e zondag Advent)

 Op deze derde zondag van de advent wordt traditioneel tijdens de intrede van de priester bij het begin van de misviering gezongen: "Gaudete in Domino semper, iterum dico, gaudete. Modestia vestra nota sit omnibus hominibus; Dominus enim prope est. Nihil solliciti sitis: sed in omnia oratione petitiones vestrae innotescant apud Deum". In het Nederlands luidt het dan: "Verheugt u altijd in de Heer, ik herhaal het, verheugt u! Dat uw bescheidenheid aan alle mensen bekend worde, want de Heer is nabij. Weest om niets bekommerd, maar laat al uw verlangens aan God kennen door het gebed." Dit is een citaat uit de brief van Paulus aan de Filippenzen. 
(©bloggen.be Levend Geloof 9)
Het past perfect nu Kerstmis nadert. We zijn als christenen allen in blijde verwachting. Zo zien we Maria afgebeeld op het icoontype dat genoemd wordt platytera of Moeder Gods van het Teken. Het kind Jezus zit niet op haar schoot, maar is afgebeeld in een medaillon voor haar borst. De naam van dit type icoon verwijst naar een tekst van de profeet Jesaja waar gezegd wordt : "De Heer zelf zal u een teken geven: zie de maagd wordt zwanger en zij zal een zoon ter wereld brengen en gij zult hem de naam Immanuel geven, wat betekent: God-met-ons." (Jes. 7,14)

Er moet niet alleen plaats gemaakt worden in ons hart; we moeten ons niet enkel bekeren, dwz toekeren naar God; we mogen ook blij zijn. Een klein kind brengt in mensen meestal de mooiste gevoelens tot leven. Nieuw jong leven wekt op tot tederheid en zorgzaamheid én tot vreugde. Denk maar als er in je eigen omgeving een baby wordt geboren...
Zo klinkt deze intredezang volgens de gregoriaanse zangtraditie:


9 december 2020

Adventsbeeld - Johannes De Doper

 In de advent worden we uitgenodigd om ons opnieuw en bewuster te laten bevruchten door de Geest van Jezus. Daartoe moeten we ons eigen leven onder de loep nemen en onszelf bevragen: zijn we wel goed bezig? In de evangeliën lezen we dan hoe Johannes de Doper de tijdgenoten van Jezus probeerde wakker te schudden uit hun zelfgenoegzaamheid, uit hun eigen zeker weten hoe alles in elkaar zit, uit hun sociale en religieuze cocon. Hij leefde streng en sprak strenge woorden tot wie hem om raad kwam vragen. Tot hij té zeer tegen de schenen schopte en gevangen werd genomen. 
Uiteindelijk werd Johannes onthoofd omdat koning Herodes zijn dochter Salome ter wille wilde zijn (gegeven dat de kern uitmaakt van een opera van Strauss: Salome).

(©iconenleonjoosten)

In de iconografie wordt Johannes vaak uitgebeeld als magere man gekleed in ruige dierenvellen, meestal met een spreekgebaar. Dat is gebaseerd op wat de evangelist Mattheus schreef:
"Hij, Johannes, heeft zijn kleed gehad uit kameelharen,
met een gordel van huid om zijn lende;
zijn voedsel is geweest: sprinkhanen en wilde honing."
(Matt. 3, 4 -Naardense bijbelvertaling)